Massaal protest tegen president Aristide in Haïti

Haïti kan twee belangrijke feiten claimen: ten eerste kende het land de eerste succesvolle revolutie tegen de slavernij. En ten tweede is het land het armste Westelijke land.

Dave Smith, communicatie-verantwoordelijke van de Nationale vakbond van overheidspersoneel in Trinidad & Tobago (in persoonlijke naam)

Bij de slag van Vertiers in 1803 versloeg de bevolking van Haïti het koloniale leger van Napoleon. De onafhankelijkheid van Frankrijk werd op 1 januari 1804 uitgeroepen en had gevolgen in heel Latijns Amerika. Het nieuwe onafhankelijke land gaf veel steun aan Simón Bolívar, die opkwam voor de bevrijding van Zuid-Amerika van de Spaanse dominantie.

Maar Haïti heeft geleden onder de snelle opeenvolging van regimes die niet meer deden dan de eigen zakken vullen via corruptie en fraude. In de 200 jaren sinds de onafhankelijkheid kende het land 53 staatshoofden, waarvan er 20 omvergeworpen werden en slechts 8 een volledige termijn overleefden.

Meer recent was er een brutaal regime van François "Papa doc" Duvalier en zijn zzon, Jean-Claude Duvalier ("Baby Doc"). Jean-Bertrand Aristide werd in 1990 verkozen met een enorme steun van de bevolking. De mensen hoopten dat met Aristide definitief een einde zou komen aan het bewind van de Duvaliers en dat hun leven ook zou veranderen. Als getalenteerde spreker die "opkwam voor de armen en voor de democratie", zo werd dit in 1990 gepropageerd, werd Aristide’s regime omvergeworpen door een militaire staatsgreep, maar hij kon de macht terug verwerven in 1994, o.a. met de hulp van 20.000 Amerikaanse soldaten. Vanaf dan heeft Aristide consequent de belangen van het imperialisme verdedigd.

Ondanks de beloftes, is er weinig veranderd in hetland. Het blijft het armste land van het Amerikaanse continent. De levensverwachting is gedaald tot 50 jaar, 80% van de bevolking leeft onder de armoedegrens, 56% heeft te leiden onder slechte voeding of ondervoeding, 53% van de bevolking is analfabeet. Er is niets veranderd aan de enorme sociale problemen waarbij 1% van de bevolking ongeveer de helft van de rijkdom van het land controleert. De rest van de bevolking leeft met minder dan 1 dollar per dag.

Door de privatiseringen en de invoering van vrijhandelszones is de infrastructuur van het land zowat ineengestort, waarbij drugs in de economie de enige groeifactor in de economie vormt. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Haïti slecht scoort op vlak van vakbondsrechten.

De enorme sociale crisis heeft geleid tot een politieke strijd. Er hadden normaal gezien in 2003 parlementsverkiezingen moeten plaatsvinden, maar dit gebeurde niet. In plaats daarvan regeerde Aristide vanaf 12 januari met volmachten.

De oppositie eist dat hij aftreedt en er was straatprotest in de hoofdstad. De betogingen die de afgelopen maanden plaatsvonden, hebben al geleid tot tussen de 25 en de 45 slachtoffers. Er wordt echter nog steeds verder betoogd. De confrontaties tussen betogers en de ordediensten, de opvolgers van de beruchte ‘Tonton Macoutes’ van Duvalier, zullen ongetwijfeld nog tot meer doden leiden.

De oppositie die gekend staat onder naam "Groep van 184", bestaat uit politieke partijen, vakbonden en zakenassociaties. Het enige dat ze gemeen hebben is de wil om Aristide te zien vertrekken.

Een scherpere kritiek kwam er van de vakbondsfederatie "Batay Ouvriye" die de protestbeweging omschreef als een "fundamentele en rechtvaardige" beweging, maar er aan toevoegt: "Lavalas [de partij van Aristide] en de burgerlijke oppositie zijn even rot en bevinden zich in eenzelfde hopeloze situatie."

Het is duidelijk dat er geen vooruitgang mogelijk is zonder onafhankelijke arbeidersorganisaties die opkomen voor jobs, een landhervorming en een verdeling van de rijkdom. Een massale arbeiderspartij zou de strijd voor de macht voeren op basis van een socialistisch programma. Hierdoor zou de huidige oppositie gesplitst worden op klassenbasis. Maar er zou steun moeten gezocht worden onder de arbeiders in heel de regio.

De noodzaak van economische onafhankelijkheid en de ontwikkeling van de economie, die zich op een extreme wijze stellen in Haïti, komen terug in heel de regio. De problemen worden nog erger door de invoering van de Free Trade Area of the Americas (FTAA, de Amerikaanse vrijhandelszone) die gepland wordt in 2005.

De crisis in Haïti maakt duidelijk dat er nood is aan een socialistisch antwoord om op te komen voor een socialistische federatie van landen in de Caraïben en Latijns-Amerika.

Delen: Printen: