De roep voor een alternatief klinkt luider, ook in Europa. Maar welk alternatief?

Bas de Ruiter, Offensief Noord-Brabant (Nederlandse afdeling van CWI)

Nederland: een nederlaag voor het establishment!

De gemeenteraadsverkiezingen van 7 maart 2006 hebben een aardverschuiving teweeggebracht in de Nederlandse politieke verhoudingen. De partijen die als winnaar uit de bus kwamen, waren de sociaal-democratische PvdA – die steeg van 15,6% van de stemmen naar 23,3% – en de Socialistische Partij die van 2,9% steeg naar 5,7%.

Deze lokale verkiezingsoverwinning van de PvdA en de SP heeft ook op nationaal niveau haar weerslag gehad op de politieke stemverhoudingen onder de bevolking: op basis van een peiling van 17 maart 2006 zouden PvdA en SP samen al een meerderheid van 79 van de 150 parlementszetels halen. Die uitslag geeft aan dat een groot deel van de bevolking op zoek is naar een alternatief op het neoliberale besparingsbeleid van de huidige regeringspartijen. De vraag is echter wat een dergelijk alternatief is en hoe dat dan tot stand zou kunnen komen?

Op lokaal niveau vinden op dit ogenblik coalitie-onderhandelingen plaats en in diverse gemeenten bestaat de mogelijkheid dat er een zogenaamd ‘links’ college komt van PvdA, SP en Groen Links. Een links gemeentebestuur, dat echt op komt voor arbeiders en jongeren, zou tenminste de volgende zaken moeten realiseren om werkelijk een verschil te maken:

* massale investeringen in betaalbare woningen

* geen privatisering maar uitbreiding van gratis stadsvervoer

* scheppen van een groot aantal volwaardige banen bij de gemeente (bij buurthuizen, scholen, reinigingsdiensten, stadsvervoer, brandweer, etc.), dat wil zeggen tegen een normaal CAO-loon

* verhoging van uitkeringen en steun aan mensen die leven van een minimumuitkering

* geen commercialisering van welzijn en zorg, in plaats daarvan meer geld voor thuiszorg, buurthuizen, vervoer van andersvaliden ed.

Dit is een minimum om een begin te maken van een oplossing. Een dergelijk programma kost natuurlijk geld, en is vaak in strijd met nationale wetgeving. Een links bestuur zal daarom de strijd moeten aanbinden met de regering Balkenende door de bevolking te mobiliseren en in actie te brengen. Maar hierbij rijst natuurlijk de vraag: zullen PvdA en Groen Links bereid zijn een dergelijke strijd aan te gaan?

Als de SP toch lokaal mee gaat regeren met PvdA en Groen Links, is het gevaar levensgroot dat ze medeverantwoordelijk wordt voor een besparingsbeleid. Een situatie zoals in Nijmegen, waar de SP deel uitmaakt van het college, toont waartoe coalities met PvdA en GL kunnen leiden. De SP-fractie in de gemeenteraad zag zich geconfronteerd met de “noodzaak” om tien miljoen euro te bezuinigingen, en heeft zelfs ingestemd met het verzelfstandigen van zowel het gemeentelijke bus- als woonbedrijf.

Wat moet dan wel gebeuren?

Verbeteringen kunnen ook afgedwongen worden vanuit de oppositie. Als de SP tenminste haar oude slogan: “geen fractie zonder actie” in ere houdt en de bevolking, waar mogelijk samen met de vakbonden, de straat op brengt. De geschiedenis leert, dat niets bereikt wordt zonder strijd, niet alleen lokaal, maar ook nationaal en internationaal. Als de SP voorop gaat lopen in die strijd en die koppelt aan de noodzaak om voor een socialistische maatschappij te vechten, kan ze uitgroeien tot een echte arbeiderspartij, die in staat is de maatschappij wezenlijk te veranderen. Offensief, de Nederlandse zusterorganisatie van LSP, komt binnen en buiten de SP voor die strategie op.

Tegen de achtergrond van massale aanvallen op de levensstandaard en de strijd daartegen ontstond in Duitsland een nieuwe politieke formatie, de WASG. Op 18 september 2005 behaalde een gezamenlijke lijst van de WASG en PDS (oud-communisten – sindsdien de Linkspartei) bij de nationale verkiezingen 8,7% van de stemmen en 54 zetels. Er zijn vandaag 12000 leden in de WASG. Sindsdien wil de leiding van beide partijen niets liever dan zo snel als mogelijk te fusioneren.

Met het oog op enkele deelstaatsverkiezingen in september stelde zich de vraag welk beleid de PDS jarenlang in Berlijn heeft gevoerd, samen met de SPD, de sociaal-democratische regeringspartij. Ze hebben zich schuldig gemaakt aan een beleid van loonsverlagingen, arbeidsvernietiging door het introduceren van 1 eurobanen en de verkoop (privatisering) van o.a. 60.000 sociale woningen. Dit zijn aspecten van een neoliberaal beleid – uit Hartz IV en Agenda 2010 – waartegen de WASG zich op nationaal niveau verzet. Deze praktijk is geen basis om samen een nieuwe linkse partij te creëren. “Je kan niet op zondag spreken over socialisme en tijdens de week besparingen doorvoeren”, zo stelde Lucy Redler, voorzitter van de WASG van Berlijn en lid van onze zusterorganisatie SAV.

Onafhankelijke kandidatuur

Op een Berlijns WASG congres op 25 februari stemde twee derde van de verkozen WASG-afgevaardigden voor het voorstel om in de komende regionale verkiezingen in september onafhankelijk deel te nemen aan de verkiezingen. Die beslissing was genomen na een intensieve periode van democratische discussie in verkozen organen en lokale afdelingen van de partij. Later werd in een schriftelijk ledenreferendum de beslissing bevestigd. In een opiniepeiling vond de argumentatie van WASG Berlijn werklank. De rood-rode coalitie (SPDPDS) zal afgestraft worden voor haar neoliberaal beleid. De WASG haalt er zonder enige campagne reeds 4,5% van de stemmen. Met 5% zouden enkele verkozenen van de WASG in het Berlijnse parlement zetelen en een echte linkse stem kunnen laten horen. Indien de WASG niet onafhankelijk kandideert, is het niet uitgesloten dat een aantal proteststemmen naar extreem-rechts zullen gaan.

Welk soort eenheid?

Deze beslissing is genomen tegen de wil van de meerderheid van het nationaal comité van de WASG en van de leiding van de nationale en lokale Linkspartij.PDS in. Zij hadden graag een gezamenlijk optreden in de verkiezingen en een daarop volgende fusie van beide partijen gezien. De Berlijnse WASG is niet tegen linkse eenheid of tegen een sterke en democratische partij op nationaal vlak, maar tegen eenheid rond een beleid van privatiseringen, bezuinigingen op de sociale zekerheid en aanvallen op de levensstandaard van de arbeidersklasse. Enkel op basis van strijd tege het neo-liberalisme kan eenheid gevonden worden.

Delen: Printen: