Home / Internationaal / Europa / Italië. Groeiende oppositie tegen Renzi. Nood aan algemene 24-urenstaking

Italië. Groeiende oppositie tegen Renzi. Nood aan algemene 24-urenstaking

Analyse door Giuliano Brunetti, ControCorrente (onze Italiaanse zusterorganisatie)

Ondanks het optimisme van de Italiaanse premier Matteo Renzo en zijn groeiende lijst van aanhangers onder traditionele politici, de zakenwereld, journalisten,… blijft de economische situatie in het land achteruitgaan.

Het economisch beleid van Renzi had het effect van een paardenmiddel voor een stervende patiënt. De crisis verdiepte verder met een neergang van het BBP met 0,2% in het derde kwartaal van dit jaar. De werkloosheid blijft toenemen en er zijn nu al 3,3 miljoen werklozen. Bovendien raakten twee grote Italiaanse banken – Monte dei Paschi di Siena en Banca Carige – niet door de ‘stress test’ van de Europese Centrale Bank. Dat draagt verder bij tot onzekerheid over het economische beleid van de regering.

Op politiek vlak was er geen echte oppositie tegen het beleid van de regering. De Vijfsterrenbeweging is niet consistent en het rechtse Forza Italia en Silvio Berlusconi moeten hun imago bijsturen om op het toneel te blijven. Hierdoor is alle nationale politieke discussie gericht op de Democratische Partij.

De bocht naar rechts van Renzi werd enthousiast onthaald door de meeste huidige leiders en stromingen binnen de Democratische Partij. Honderden ambtenaren, gemeenteraadsleden en ‘erfgenamen’ van de oude Communistische Partij werden grote fans van Matteo Renzi en zijn neoliberale koers.

Met deze nieuwe leiding was de Democratische Partij goed voor 41% van de stemmen bij de laatste Europese verkiezingen. Dat kwam deels omdat het belastingvoordeel van 80 euro voor laag betaalde arbeiders werd ingevoerd maar ook door de constante mediacampagne van ‘hoop’ tegen de oude dinosaurussen die Italië naar de afgrond brachten. De economische maatregelen die de regering nu neemt, zijn niets anders dan een aanval op de gewone werkende bevolking.

Er zijn een reeks maatregelen opgenomen in een wetsvoorstel waardoor de overblijfselen van de bescherming van de arbeiders door de Arbeidswet zouden verdwijnen. De arbeidsvoorwaarden in de bedrijven zouden volledig afhankelijk worden van de markt en de noden van de bedrijven.

Met meer dan 44% van de jongeren die zonder werk zitten, komt de regering niet verder dan stageplaatsen voor jongeren zonder enige garantie op tewerkstelling na de stage. Kortom, het gaat om goedkope arbeidskrachten voor de bedrijven.

Een van de ergste elementen van de nieuwe ‘hervormingen’ bestaat erin dat bedrijven de komende drie jaar werknemers kunnen aanwerven zonder bijdragen aan de sociale zekerheid te betalen. Giorgio Squinzi, woordvoerder van de werkgeversfederatie Confindustria stelde dat deze hervormingen zijn “waar Confindustria al jaren van droomt”.

Binnen de Democratische Partij is er slechts een kleine minderheid tegen de nieuwe koers gekant. In de nationale leiding gaat het om 13% van de stemmen. De ‘oude garde’ die in de partij en in het land een nederlaag toegediend kreeg, probeert nu terug te keren. De oude PD-leiding rond Bersani en Cuperlo wil zowel in de oppositie zitten als in de regering, ze proberen hun wagentje aan de vakbondsfederatie Cgil te hangen om toch enige legitimiteit te vinden.

Het vooruitzicht van een splitsing in de PD is niet uitgesloten, maar het is waarschijnlijker dat de premier eerder zal proberen om wat overtollige ballast overboord te gooien dan dat er een oprechte wil van een ‘linkerzijde’ in de Democratische Partij is om weg te splitsen. Alleszins heeft die oude ‘linkerzijde’ de weg voorbereid om Matteo Renzi in het zadel te hijsen en met hem het neoliberale beleid dat de partij nu voert.

Maar het is mogelijk dat krachten links van de Democratische Partij zich wel zullen verenigen. Het gaat onder meer om SEL (Linkse Vrijheid en Ecologie), delen van de metaalvakbond FIOM en anderen.

De recente electorale successen van de Democratische Partij maken geen einde aan het drastische verlies van leden. De partij voert een puur electorale benadering en verloor op twee jaar tijd bijna vier vijfden van de leden. De PD doet geen poging meer om gewone mensen te vertegenwoordigen en zal nooit een massale arbeiderspartij zijn, het is integendeel een partij van professionele politici, carrièristen en vertegenwoordigers van de heersende klasse.

De afgelopen maanden heeft premier Renzi geprobeerd om de vakbonden met de rug tegen de muur te zetten. Hij weigerde de vakbondsleiders rechtstreeks met de regering te laten onderhandelen en stuurde hen door naar de werkgevers en dit bedrijf per bedrijf, maar dan wel in een situatie waarin de krachtsverhoudingen niet gunstig zijn. Er kwamen een reeks aanvallen op de vakbonden, waarbij Renzi hen verweet dat ze enkel hun eigen leden vertegenwoordigen en niet opkomen voor wie in onzekere contracten zit. Er werd bewust geprobeerd om ouderen en jongeren tegen elkaar op te zetten, alsook werkenden met vaste contracten tegenover diegenen met tijdelijke contracten en er werd optimaal gebruik gemaakt van de tegenstellingen van een linkerzijde en vakbondsleiders die de flexibiliteit van de markt hebben aanvaard.

Deze aanvallen dwongen de vakbondsfederatie Cgil – de grootste vakbondsfederatie en bovendien de federatie die het dichtst bij PD aanleunt – om een actiedag tegen de regering te houden op 25 oktober. Vakbondsleider Susanna Camusso deed dit tegen haar zin nadat ze maandenlang de verdediging van de bevriende regering probeerde op te nemen.

Het success van de betoging in Rome was een uitdrukking van het potentieel van strijd en mobilisatie, een potentieel dat Cgil de afgelopen jaren amper heeft gebruikt. Er werden meer dan 3.000 bussen en verschillende treinen uit Milaan en Bologna ingelegd naast een volledige ferry uit Cagliari.

De betoging was georganiseerd rond de abstracte kernwoorden ‘Werk, waardigheid en gelijkheid’. Er was een surrealistische sfeer. De betoging was gericht tegen het economisch beleid van de zogenaamd bevriende regering van de Democratische Partij. Dat is een regering die de verworvenheden van de arbeiders verder wil afbouwen dan voorheen gebeurde door de ‘technocratische’ regeringen van Mario Monti en Enrico Letta.

Terwijl de Cgil in Rome betoogde, kwamen de premier en de meerderheid van de Democratische Partij bijeen in Firenze met hun aanhangers, steungevers, denktanks en de elite van de opnieuw gepolitiseerde Italiaanse burgerij voor de vijfde conventie van ‘Leopolda’. Dat is een topontmoeting waarbij onder de titel ‘De toekomst begint pas’ tal van buitenlandse investeerders, Italiaanse ondernemers, bankiers en andere ‘experts’ werden samengebracht om te discussiëren over de economische crisis. Onder de aanwezigen ook de financier David Serra, CEO van het in Londen gevestigde fonds Algebris en een nieuwe recruut van de PD. Hij kwam naar de conventie met een voorstel om het stakingsrecht af te schaffen.

Terwijl de PD een chique evenement organiseerde, hielden de vakbonden een grote betoging met veel arbeiders en gepensioneerden uit heel het land, maar ook studentengroepen. Er worden strijdbare delegaties van FIOM uit Emilia Romagna en Liguria. Deze delegaties brachten duizenden arbeiders wiens job bedreigd is op straat. Er waren ook grote delegaties van bedrijven in moeilijkheden zoals TITAN, Crespellano (Bologna), AST Staal (Terni), de voormalige vestiging van Fiat in Pomigliano D’Arco (Napels) en vele anderen. De betoging bracht veel mensen bijeen die een overlevingsstrijd voeren. Honderdvijftig werkenden van het koor van het Teatro dell’Opera van Rome, die op 1 januari 2015 hun job verliezen, gaven vanop het podium een voorstelling van ‘Nessun Dorma’ van Verdi.

Op de betoging was er een grote woede en frustratie tegen het beleid van de premier, maar onder de sommige oudere betogers was er ook het idee dat de PD nog kan gered worden. De nederlaag van de oude sociaaldemocratische garde betekent nochtans een keerpunt in de geschiedenis van de partij.

Op het einde van de betoging verwachtten veel betogers dat de algemeen-secretaris van de Cgil een algemene 24-urenstaking zou aankondigen. Maar deze oproep kwam er niet. Susanna Camusso eindigde haar toespraak met de stelling dat alle vormen van strijd nodig zullen zijn, ook een algemene staking. Maar er werd geen oproep voor zo’n staking gedaan. Mogelijk zal Cgil daar toch nog tot gedwongen worden, mogelijk zelfs in de kerstperiode als de regering de wetsvoorstellen door het parlement wil krijgen en doorvoeren.

Algemene staking

Een algemene staking kan ook uitgeroepen worden om wat stoom af te laten. Het zou echter onderdeel moeten zijn van een algemeen mobilisatieproces met een duidelijke strategie om de regering ten val te brengen. De regionale 4- en 8-urenstaking van FIOM kunnen een voorbereiding zijn om meer algemene acties van alle werkenden.

We kunnen niet verwachten dat Camusso die al decennialang alles wat de bazen en politieke leiders voorstellen passief aanvaardt, nu plots de leiding zal nemen in de politieke oppositie tegen de regering. Maar onder druk van onderuit kan Cgil gedwongen zijn om een datum voor een algemene staking naar voor te brengen.

Herfstbetogingen in Rome zijn ondertussen een bijna jaarlijks gebeuren geworden. De traditie van strijd wordt herdacht en daarna keren we terug naar huis. Mogelijk zal het dit jaar anders zijn. De opkomst in Rome op 25 oktober – sommigen hadden het over een miljoen betogers – was erg groot. De aanval van de regering op de vakbonden laat geen ruimte om passief te blijven. In en buiten de Cgil zullen de metaalarbeiders van FIOM de druk blijven opvoeren om tot een nationale staking van alle werkenden te komen, zowel in de publieke als de private sector.

Er was niet alleen het succes van de grote betoging in Rome maar ook de staking van de vakbondsfederatie USB op de vrijdag ervoor was een succes. Er is een grote bereidheid om de strijd aan te gaan. Op 31 oktober was er een staking van FIOM uit solidariteit met de arbeiders van de staalfabriek van Terni die door de politie waren aangevallen. De druk bouwt zich op en mogelijk zal de leiding van Cgil uiteindelijk tot mobilisatie moeten overgaan.

Het is niet de eerste keer dat Cgil in haar honderdjarige bestaan op een keerpunt staat. De vakbondsleiding kan proberen om de eisen van de arbeiders te blijven afzwakken en om de sociale afbraak van de regering op onderhandelde wijze te ondersteunen. De andere optie is die van totaal verzet tegen een regering die een asociaal beleid voert. Een derde weg is er niet.

ControCorrente

Op de betoging in Rome werd het material van ControCorrente tegen Renzi goed onthaald. We zullen blijven van onderuit bouwen aan politieke en sociale oppositie tegen de regering en al wie deze regering steunt.

  • Tegen de wetsvoorstellen die de Arbeidswet ondermijnen
  • Voor een algemene arbeidsduurvermindering zonder loonverlies
  • Voor een minimumloon van 8 euro per uur
  • Voor de invoering van een algemene werkloosheidsuitkering voor alle werkenden, ook wie een eerste job zoekt
  • Voor de onmiddellijke stabilisatie van de voorwaarden van alle tijdelijken en precaire werkenden
  • Voor een algemene 24-urenstaking
  • Voor een massale politieke mobilisatie tegen de regering