Artikel door Koerian, ALS-Gent.

redonderwijsDe inschrijvingsgelden voor de Vlaamse hogescholen en universiteiten worden verhoogd. Daarenboven komt er een (aanvankelijk louter indicatieve) ingangsproef voor wie naar het hoger onderwijs wil. De onderwijsinstellingen krijgen weer maar eens een fikse besparing op hun bord. De Vlaamse studenten en het personeel worden wederom getroffen. Onderwijs wordt alsmaar meer een onbetaalbare luxe, gereserveerd voor een kleine elite, of voor zij die bereid zijn zich in te graven in een enorme schuldenberg. Tegelijk is er blijkbaar wel ruimte in de begroting om de rijkste 1% steeds meer fiscale cadeaus te blijven toespelen.

Nu CD&V, N-VA en Open Vld tot een akkoord zijn gekomen met betrekking tot een Vlaamse regering wordt de neoliberale besparingbijl meteen boven gehaald. Onderwijs is één van de grootste slachtoffers. Er wordt vijf percent bespaard op de werkingsmiddelen van het hoger onderwijs. Concreet betekent dit een besparing van 80 miljoen euro. De invulling ervan wordt deels overgelaten aan de universiteiten en hogescholen die hun inschrijvingsgelden kunnen optrekken tot 1.072 euro per academiejaar.

De student wordt langs twee zijden aangevallen. Het onderwijs wordt door de eventuele verhoging van de inschrijvingsgelden een stuk minder democratisch. Gezinnen die moeite hebben rond te komen zullen de verhoging in hun budget voelen en een groot aantal jongeren zal hun kansen tot hoger onderwijs door de neus geboord zien. Anderzijds kunnen de onderwijsinstellingen door een verhoging van de inschrijvingsgelden de besparing van 5% procent bij lange na niet dekken. Dit betekent dat er dus ook nog extra zal moeten bespaard worden op personeel en infrastructuur. Verder snoeien in de kwaliteit van het onderwijs dus. Vandaag is het aandeel van onderwijs in de publieke uitgaven lager dan de 7% van het BBP dat begin jaren 1980 hieraan werd besteed.

Het aantal personen dat aan de slag is als onderwijzend personeel kende de laatste jaren geen significante stijging terwijl het aantal studenten quasi explodeerde. Bovendien moet dat onderwijzend personeel al jaren inleveren op vlak van lonen, tewerkstelling en sociale verworvenheden. Hiernaast gaan universiteiten en hogescholen hun heil steeds meer zoeken in privé investeringen. Bedrijven kunnen hun grijpgrage klauwen steeds dieper in de curricula slaan, van onafhankelijk onderwijs is stilaan geen sprake meer. Nu wordt er dus nog verder gesnoeid in de middelen. Een ondemocratisch onderwijs van belabberde kwaliteit, in handen van de privé, dat is waar onze kersverse ministers voor gaan.

Daar bovenop wordt er ook nog eens een ingangsproef ingevoerd. Het lager en middelbaar onderwijs in België behoren reeds tot de meest ongelijke van alle OESO-landen. Een indicatieve ingangsproef kan al gauw een opstap naar een bindend toelatingsexamen zijn. Dat zal de discriminatie van jongeren uit armere gezinnen – jongeren die vaak onderwijs van een lager niveau genoten – enkel verder besvestigen. Dat de regering vooral een elite wil selecteren, bewijzen ook de besparingen op de leerlingenbegeleiding in het secundair onderwijs. Er zal gesnoeid worden in pedagogische begeleiding en de werkingsmiddelen in het algemeen van het secundair onderwijs.

Tegelijk wordt wel budget gevonden om zwaar te investeren in “innovatie en ondernemen”. Daarmee geeft de regering opnieuw een cadeau van maar liefst 500 miljoen euro aan het bedrijfsleven, nog meer geld voor de 1% rijken dat betaald moet worden door de 99%.

Een gemeenschappelijke strijd door arbeiders en studenten is de enige manier om hier iets aan te veranderen. Een strijd om gratis, kwaliteitsvol onderwijs en voldoende sociale voorzieningen is broodnodig. Opnieuw 7% van het BBP als budget voor onderwijs, het afschaffen van inschrijvingsgelden voor hoger onderwijs en voldoende onderwijzend en omkaderend personeel zijn absolute noodzakelijkheden.

Men probeert echter arbeiders en studenten tegen elkaar op te zetten, juist door de verhoging van de inschrijvingsgelden. Door besparingen als noodzakelijk voor te stellen wordt geprobeerd het budget voor studenten en personeel als communicerende vaten voor te stellen. Wat bij de ene bespaard wordt, hoeft niet bij de andere te worden gehaald.

De belangen van beide groepen zijn echter dezelfde: het stoppen van het besparingsbeleid. Daarom roepen wij met Actief Linkse Studenten op tot solidariteit tussen vakbonden en studenten en tot een algemene strijd tegen het neoliberaal beleid en voor een leefbare, sociale maatschappij.

Actief Linkse Scholieren en Studenten eisen:

  • Stop de verhoging van de inschrijvingsgelden, gratis onderwijs voor iedereen!
  • Geen toelatingsproef voor het hoger onderwijs, investeer in begeleiding in plaats van selectie!
  • Onafhankelijke en publieke onderwijsinstellingen, geen inmenging van private belangen in de financiering van de instelling!
  • Stop de werkdruk en de concurrentieslag. Meer middelen voor personeel en onderzoek!
  • Een drastische verlaging van de indirecte studiekosten. Betaalbaar wonen, gratis openbaar vervoer en degelijke voorzieningen voor iedereen!
  • Voor een massale verhoging van de publieke middelen voor onderwijs, beginnend bij 7% van het BBP!
  • Stop iedere besparing. Haal het geld waar het zit: bij de banken en grote bedrijven!