Home / Belgische politiek / Nationaal / Nota De Wever ging voor hard besparingsbeleid

Nota De Wever ging voor hard besparingsbeleid

Het was opvallend hoe eensgezind alle media verklaarden dat de nota van de voormalige informateur Bart De Wever een gematigd werkstuk was waarin veel toegevingen werden gedaan en waarvan het onbegrijpelijk was dat niet iedereen het goedkeurde. Het leek wel alsof de volledige gevestigde media ofwel gedwee de boodschap van de N-VA-woordvoerders volgden ofwel niet opmerkten wat er eigenlijk in de nota stond.

Het uitgangspunt van de nota is de sociaaleconomische situatie. Daarbij stelt De Wever vast dat het economisch herstel bijzonder zwak is terwijl de crisis gevolgen heeft op onder meer het vlak van tewerkstelling en de bijhorende stijging van sociale uitgaven. Dat een groeiend deel van de bevolking dus moeite heeft om rond te komen, is niet het vermelden waard. Neen, de centrumrechtse regering waar de N-VA van droomt moet meteen werk maken van een versterking van de competitiviteit door “de arbeids- en energiekosten” te verminderen en de loopbaan van “werknemer en ambtenaren” te verlengen. Vooral de zogenaamde “loonkostenhandicap” wil De Wever aanpakken.

Hiertoe wordt onder meer verwezen naar de Europese ‘aanbeveling’ om “het concurrentievermogen te herstellen door de hervorming van het loonvormingsmechanisme, met inbegrip van de loonindexering.” Er werd door de EU aan toegevoegd dat dit in overleg met de sociale partners dient te gebeuren, maar de boodschap is duidelijk: de index is bedreigd en de bonden mogen enkel mee onderhandelen over de vraag hoe de index wordt afgebouwd.

Concreet stelt De Wever voor dat de huidige loonstop wordt verdergezet en er bijkomende soortgelijke maatregelen komen “in een gelijkaardige grootteorde” door de index te hervormen. De ACV-studiedienst merkte hierover op: “De “grootteorde” van de ontslagnemende regering was 2,96% correctie van de loonkloof. Dat betekent dus dat De Wever een aanvullende inlevering wil van minstens 2,96% door aan de index te morrelen. En dat bovenop het aanhouden van de loonstop van 2013-2014.”

Om de werkzaamheidsgraad te verhogen, zet De Wever niet in op een massaal programma van publieke investeringen in sociaal nuttige en noodzakelijke werken inzake onderwijs, sociale huisvesting, kinderopvang, gezondheidszorg,… Neen, de werkzaamheidsgraad moet toenemen door het opvoeren van de flexibiliteit (met een beperking van het tijdskrediet, eenvoudiger ontslagrecht, afbouw van de invloed van de anciënniteit op het loon), een “versterkte activering” van werkzoekenden (gekoppeld aan “een sterkere degressiviteit van de werkloosheidsuitkering” en een onderzoek naar de voorwaarden waaronder “de plicht om gemeenschapsdienst te verrichten” kan ingevoerd worden) en het ontmoedigen van vervroegde uittrede.

Er werd algemeen gesteld dat De Wever toegeeft op de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd. Het sterker laten dalen van de werkloosheidsuitkering en het invoeren van verplichte klusjes (‘gemeenschapsdienst’) in ruil voor een uitkering, zijn echter erg verregaande maatregelen die in de praktijk de werkloosheidsuitkering in de tijd beperken. De voorstellen van De Wever openen een nieuw jachtseizoen op de werklozen. Werkloosheid is ook volgens deze nota blijkbaar de verantwoordelijkheid van de werklozen.

Naast de aanval op de index en de werklozen wordt verder een “structurele pensioenhervorming” voorgesteld op basis van het recente rapport van de Commissie Pensioenhervorming. Er moet maar een instelling een voorstel doen voor een aanval op onze sociale verworvenheden of De Wever houdt het op een schijnbaar neutraal volgen van de gedane aanbevelingen. De autoriteit van de EU-aanbevelingen wordt ondanks de Zuid-Europese debacles niet in vraag gesteld. En de eigen voorstellen om de pensioenen te ondermijnen, worden handig doorgeschoven naar de Commissie Pensioenhervorming. Het resultaat is echter hetzelfde: een asociaal beleid met minder loon voor wie werkt, langer werken en indien dat niet haalbaar is, een lager pensioen.

Daarnaast wordt ingezet op besparingen. De Wever pleit in zijn nota uitdrukkelijk voor het volgen van de regels van de EU, een orgaan dat pleit voor steeds hardere besparingen. Dit jaar nog zou 1,3 miljard euro bespaard worden en volgend jaar 5,9 miljard. Er wordt verwezen naar de Nationale Bank die pleitte voor een “zeer omvangrijk consolidatieprogramma”. Het gaat om het consolideren van hun winsten en het consolideren van de daling van onze werkgelegenheid, koopkracht en toekomstperspectieven.

Dit zal echter niet volstaan, want De Wever stelt tegelijk voor om de inkomsten van de overheid af te bouwen door bijdragen op arbeid te verlagen en door extra cadeaus te geven aan de bedrijven in de vorm van een “verlichting van de (para)fiscale druk”. De miljarden die de gemeenschap misloopt door stelsels als de notionele intrestaftrek blijven onverkort verdwijnen, alleen wil De Wever het stelsel wat hervormen zodat ook KMO’s ervan kunnen profiteren. Zo wordt gedacht aan “een (sterk) verlaagd tarief van vennootschapsbelasting”. Terwijl de tarieven voor de bedrijven dalen, wordt een verhoging van BTW-tarieven overwogen, ook al is BTW een bijzonder asociale belasting– waarbij arm en rijk eenzelfde nominaal bedrag betalen en armen relatief dus veel meer.

Er wordt verder gedacht aan besparingen door de federale overheid verder af te bouwen (met minder personeel), besparingen in de gezondheidszorg, werkenden langer aan de slag te houden en de werkloosheidsuitkeringen sneller te laten dalen.

Deze nota bevat voor gewone werkenden een daling van het loon (onder meer door gemorrel aan de index, afbouw van anciënniteitsverhogingen en door het indirecte loon – het deel van ons loon voor de gemeenschap – te verlagen), een aanval op de pensioenrechten naar het model van de Pensioencommissie, een vermindering van de dienstverlening door de overheid en een verhoging van asociale taksen als BTW. Voor werkloze komt daar een versnelde verlaging van de uitkeringen bovenop alsook verplichte gemeenschapsdiensten, dwangarbeid voor klusjes in plaats van degelijke tewerkstelling (als er toch werk is, waarom wordt dan geen degelijk contract of statuut gegeven?).

Dit is geen neutraal document, maar het neoliberale kader van het harde besparingsbeleid dat De Wever wil voeren. De opluchting dat dit plan niet werd aanvaard door alle partijen met wie De Wever wilde samenwerken, zal van korte duur zijn. Ook de andere gevestigde partijen zitten volledig in de logica van besparen en het volgen van de dictatuur van de markten. Zoals we eerder deze week op socialisme.be schreven: “We moeten niet in hun spel meestappen en hopen dat er zo snel mogelijk een regering komt of dat deze zo ‘progressief’ mogelijk zou zijn. Laat ons eerder beginnen met het voorbereiden en organiseren van ons verzet voor de strijd die ons in het najaar wellicht te wachten staat.”