Over de politieke standpunten van John Lennon

De afgelopen dagen stond de media vol met artikels over de 25ste verjaardag van de moord op John Lennon. In 1971 gaf Lennon een interessant interview aan Robin Blackburn en Tariq Ali voor hun magazine “Red Mole”. Wij zijn het niet eens met een aantal posities van Lennon, maar willen toch enkele opmerkelijke uitspraken aanhalen uit dat interview.

John Lennon: “Ik was erg bewust van de klassenposities, omdat ik wist wat er met mij zou gebeuren en hoe de klassenrepressie op ons zou neerkomen. Dat was een feit, maar in de stormachtige Beatles-periode verdween het wat naar de achtergrond, ik verloor een tijdlang het contact met de realiteit.”

Lennon kwam eind jaren 1960 onvermijdelijk in aanraking met het maoïsme. Hij stelde zich terughoudend op. “Ik wist niet veel over de maoïsten, maar ik wist dat ze blijkbaar met weinig waren en zichzelf groen verfden om dan voor de politie te gaan staan tot ze er werden uitgepikt. Ik dacht dat dit niet bepaald subtiel was. Ik vond dat de originele communistische revolutionairen hun acties veel beter coördineerden en niet zomaar in het wilde weg erover begonnen te schreeuwen.”

Ook was hij onduidelijk over andere stalinistische regimes zoals dat in Joegoslavië. “Werd er geen arbeiderscontrole uitgeprobeerd in Joegoslavië, die zijn toch vrij van de Russen. Ik zou er graag eens gaan zien hoe het werkt.” Tariq Ali corrigeerde: “Ze probeerden met het stalinisme te breken. Maar in plaats van arbeiderscontrole toe te laten, kwam er een sterke controle vanuit de politieke bureaucratie.” Lennon: “Het lijkt erop dat alle revoluties eindigen met een personencultus – zelfs de Chinezen bleken nood te hebben aan een vaderfiguur. Ik verwacht dit ook in Cuba met Che en Fidel. In een westerse vorm van communisme zouden we bijna een imaginair arbeidersbeeld moeten creëren van de arbeider als eigen vaderfiguur.”

Lennon lijkt vooral een verkeerde visie te hebben op bewustzijn en hoe dat kan ontwikkelen. Hij stelt niet enkel dat revoluties telkens lijken te leiden tot personencultussen, hij vreest ook dat de bevolking in 1971 niet “klaar” was voor revolutie, “ze zijn nog niet wakker geworden, ze geloven nog steeds dat auto’s en televisies het antwoord vormen”.

Toch geeft Lennon toe dat hij nog sterk op zoek was naar antwoorden op de vragen waarmee hij zat. Hij stelde dat hij iedere dag de Morning Star las, het blad van de stalinistische communistische partij in Groot-Brittannië, maar dat hij daar geen antwoorden vond, “het lijkt geschreven te zijn voor oude inactieve liberalen”.

“De revolutionairen zouden ergens de arbeiders moeten kunnen bereiken, want de arbeiders zullen niet de revolutionairen aanspreken. Het is moeilijk om te zien waar we daarmee kunnen beginnen.” De zoektocht naar een ernstig alternatief leidde ertoe dat Lennon een aantal linkse groepen financieel begon te steunen. Vooral zijn steun aan een campagne om een Republikeins congres in de VS te verstoren, zorgde voor enige opschudding. De FBI onderzocht zelfs de mogelijkheden om Lennon het land uit te zetten.

Lennons centrale idee was dat de arbeiders zelf bewust moesten worden en dat op die basis verandering moest komen. Hoe dat juist zou gebeuren, wist hij niet.

“Enkel door de arbeiders bewust te maken van de ongunstige positie waarin ze zich bevinden, kunnen we de droom doorprikken waarmee ze worden omgeven. Ze denken dat ze zich in een prachtig en vrij land bevinden. Ze hebben auto’s en televisietoestellen en ze denken dat er niet meer is in het leven. Ze laten de bazen toe om hen te controleren, terwijl de kinderen op school verbrod worden. Ze dromen iemand anders dromen, het zijn niet eens hun eigen dromen. Zodra een bewustzijn groeit, kunnen we iets gaan doen. De arbeiders kunnen het heft in eigen handen nemen. Zoals Marx zei: ‘De behoeften van iedereen staan centraal’. Ik denk dat zoiets hier goed zou werken.”

Er zijn veel geruchten over linkse groepen waarvan Lennon lid zou zijn geweest. Wat vaststaat is dat hij contacten onderhield met de groep rond Tariq Ali, maar evenzeer met de mensen rond Vanessa Redgrave. Lennon speelde echter nooit een actieve rol als militant in een linkse organisatie.

Wat daarbij een rol speelde, was het overmatig druggebruik van Lennon. Zelfs de FBI merkt in haar verslagen over de politieke activiteiten van Lennon op dat er een probleem was op dat vlak.

Ondanks die beperkingen sprak Lennon zich duidelijk uit tegen het kapitalisme en stond hij open voor discussies over een revolutionair socialistisch alternatief.

Meer info:

> Engelstalig interview met Lennon door Robin Blackburn en Tariq Ali

> FBI-dossiers over John Lennon

Delen: Printen: