Nieuw fenomeen in arbeidersstrijd: syndicale Sinterklazen. Wordt de vakbondsbasis in de zak gezet?

Beeld in het VRT-avondnieuws: 3 Sinterklazen zitten, elk een vakbond vertegenwoordigend en overtuigd van hun maatschappelijke relevantie in de klassenstrijd, aan tafel met Vlaams minister-president Yves Leterme. Is de minister-president onder de indruk van het verklede 3-tal? Nauwelijks. We hebben hem – en dan vergeten we die keer dat hij op de Zevende Dag over de meeslepende achtervolging op geit Suzy mocht uitweiden – zelden meer relax gezien. Stond het Generatiepact met deze “ludieke actie” onherroepelijk op springen? Nog veel minder. “Ludiek zijn” jaagt, zo stelden we opnieuw vast, burgerlijke politici niet de daver op het lijf.

Peter Delsing, artikel overgenomen vanop links-socialisme.blogspot.com

Voor veel arbeiders die op 7 oktober gestaakt hebben, en die met 100.000 present gaven op de betoging van 28 oktober, moet het hallucinante TV zijn geweest. Die Sinterklazen. Zij voelen, in tegenstelling tot veel topbureaucraten van de vakbonden, perfect de gevolgen van de neoliberale politiek aan. Het patronaat en haar medestanders lanceren dagelijks aanval na aanval. Na het Generatiepact droomt de Nationale Bank al van een “competiviteitspact”: een aanval op onze lonen, die sneller moeten dalen in reële koopkracht dan in de omringende landen. Ook bij de opgepepte VLD, vijanden van de werkende klasse van het eerste uur, zit de stemming voor een tweede Generatiepact er flink in. Altijd terugkerende sadisten geweest, die bourgeois.

Tijdens de regionale betogingen die we de laatste dagen zagen, en op de stakingen die in verschillende sectoren nog zullen plaatsvinden, zullen veel arbeiders nogmaals hun woede over de asociale aanvallen in het Generatiepact laten blijken. Maar het schreeuwende gebrek aan een eenmakend ordewoord om de plannen van de regering van tafel te vegen, wordt stilaan oorverdovend in zijn onverantwoordelijkheid. De topbureaucraten van de vakbond willen nog is, voor een laatste keer, “stoom laten afgaan” bij de basis. Daarna moet het zaakje, in hun ogen, “landen”. De syndicale vlam van eengemaakte strijd wil de bureaucratie nu zo snel mogelijk doven.

Vandaar allicht het opduiken van Sinterklaas in de arbeidersstrijd, net als die pijnlijke miskleun van een Zwarte Piet: onmiskenbare tekenen dat de vakbondsleiding in de plaats van een reëel actieplan er een lachertje van maakt. De opbouw van een krachtsverhouding om het Pact te verslaan, overgelaten aan schertsfiguren en amateurtoneel, met dank aan het onwaarschijnlijke lef van vakbondsbureaucraten.

Een en ander dient allicht om na de stemming van het Generatiepact door de parlementairen, in de loop van volgende week, de eindejaarsperiode te gebruiken om, opnieuw toneel, de schouders te heffen. Te jammeren dat er “toch niets meer aan te doen is”. Immers: de “arbeiders willen niet meer mee”. Keer op keer liet de vakbondsleiding een gat vallen tussen de acties, kwam er geen duidelijk actieplan op tafel, maar werd ze wel 2 keer teruggeroepen door de basis. Ze wil ons nu versnipperd tegen de muur laten lopen.

Misschien denkt de vakbondsleiding: derde keer goede keer. Misschien slaagt ze er met dit Generatiepact in om een radicaliserende basis finaal voor het lapje te houden, de vlam te doven. De beweging in een door de bureaucratie versierde modderpoel te laten “landen”. Maar bij het volgende Generatiepact zal een deel van de strijdbare delegees en arbeiders zijn les hebben geleerd. Het wantrouwen tegenover het fenomeen “rechtse bureaucratie” in de vakbond zal vele malen groter zijn. En hopelijk ook bereid om zich bewust te organiseren als linkervleugel. Zodat rechtse figuren in de vakbonden veel minder de gelegenheid hebben om een nieuwe beweging, van bovenaf, naar een op de loer liggende nederlaag te leiden.

Delen: Printen: