Analyse door Victor Egio, gemeenteraadslid voor Izquierda Unida (IU) in Santomera, Murcia

podemosWe publiceren een vertaling van een artikel door Victor Egio, gemeenteraadslid in Santomera, Murcia, die dit artikel in persoonlijke naam schrijft. Hij heeft het over de resultaten van de Europese verkiezingen in Spanje. Daarin was er sprake van een ineenstorting van zowel de regeringspartij PP (conservatieven) als de vroegere sociaaldemocratische PSOE. Beide traditionele partijen hebben nu samen minder dan 50% van de stemmen. De opkomst van Podemos was opmerkelijk. Die formatie haalde vanuit het niets 8% en 5 zetels in het Europees Parlement. Het resultaat van Izquierda Unida (Verenigd Links) was heel wat beter dan bij de Europese verkiezingen van 2009, maar het blijft met 10% een heel eind onder het potentieel. Ondanks een hoger percentage ging het stemmenaantal sinds de algemene verkiezingen van 2011 en de daaropvolgende machtsovername door de PP niet vooruit.

[divider]

De Europese verkiezingen zorgden voor een politieke aardschok in Spanje. Ze bevestigden de waarschuwingen die we met Socialismo Revolucionario publiceerden ten aanzien van de bureaucratische leiders van IU wiens politieke antwoord op zowel de verkiezingen als de dramatische crisis van het Spaanse kapitalisme rampzalig is voor de beweging. Zondagavond bracht Willy Meyer, de lijsttrekker van IU voor de Europese verkiezingen, een bilan van de resultaten van IU waarbij nadruk werd gelegd op de 1 miljoen nieuwe stemmen en het feit dat de partij van 2 naar 6 verkozenen in het Europees Parlement gaat. Maar de opkomst van Podemos, een kracht die amper vier maanden bestaat en direct 1,2 miljoen stemmen en 5 zetels haalde, beperkte niet alleen de mogelijke groei van IU in deze verkiezingen maar het gooit ook het politieke evenwicht om en bedreigt de positie van IU als belangrijkste linkse referentiepunt in Spanje. Bovendien creëerde Podemos een momentum waarbij het IU in de toekomst zelfs kan voorbijsteken op vlak van electorale steun. Deze verkiezingen vormen een keerpunt en het begin van een nieuw panorama waar socialisten op moeten antwoorden.

Deze verkiezingen hebben aangetoond dat de koers van de bureaucratische IU-leiding de partij zelf schade toebrengt. Deze koers wordt gedeeld door de belangrijkste vakbondsleiders. In plaats van zich te baseren op de groeiende golf van strijd en radicalisering, wordt geprobeerd om de radicalisering onder controle te houden en blijft het perspectief er een van regeringsdeelname met de PSOE na de volgende verkiezingen.

Podemos zorgt voor frisse wind

De gevestigde media hebben het in hun analyses van Podemos vooral over de sterkte van de campagne waarbij “een nieuw product” werd verkocht en maximaal gebruik werd gemaakt van het mediaprofiel van de belangrijkste woordvoerder, Pablo Iglesias. Dat is te eenvoudig als verklaring. Er waren eerder al heel wat bekende Spanjaarden kandidaat bij de verkiezingen en doorgaans zonder veel impact. Iglesias en Podemos konden een politieke aardschok veroorzaken omdat ze zich radicaal anders voordeden dan de anderen met een discours dat nadruk legde op het feit dat de mensen zelf de protagonisten voor politieke verandering zijn. Daarmee werd buiten het beeld van de gevestigde politiek gestapt. Dat is net waar Willy Meyer en de IU-leiding het moeilijk mee hebben, in de ogen van de meeste radicale werkenden en jongeren staan ze vooral bekend voor hun oude bureaucratische wijze van aan politiek doen.

Vanuit dat oogpunt is de opkomst van Podemos erg welkom. Het is een frisse wind die zuurstof brengt voor de alternatieve linkerzijde. De groei van Podemos verzwakt de bureaucratie die de strijd al zo lang tegenhoudt. Maar we moeten ook wijzen op de zwaktes van Podemos, een kracht die zelf ook wel enkele tegenstellingen kent.

IU-leiding beperkt de eigen groei

Om een massabeweging van de werkende bevolking uit te bouwen om hiermee de samenleving te veranderen, volstaat het niet om iedere dag op televisie of sociale netwerken te verschijnen. Het moet gecombineerd worden met een duidelijke boodschap die het karakter van de kapitalistische crisis uitlegt, de oorzaken en de uitweg. De leiding van IU heeft op dat vlak gefaald. Het is onmogelijk om op geloofwaardige wijze in te gaan tegen het tweepartijensysteem en tegelijk de eigen positie te gebruiken om het te redden. Dat is wat de IU-leiding doet door met de PSOE te regeren in Andalucía en door de PP te gedogen in Extremadura. De meerderheid van de IU-leiding wil deze fout op nationaal vlak herhalen na de volgende parlementsverkiezingen. Een deel van de IU-leiding is meer geïnteresseerd in ministerportefeuilles dan in de strijd om een einde te maken aan het kapitalistische regime. Ze zijn deel geworden van de ‘politieke kaste’ waar zovelen hun afkeer tegenover laten blijken.

Op dezelfde manier is het niet mogelijk om in woorden tegen de “dictatuur van de markten en de trojka” in te gaan en tegelijk een concreet programma naar voor te schuiven dat niet echt ingaat tegen deze dictatuur. Zo zijn er eisen om “de ECB te democratiseren”, goedkopere leningen van de trojka te bekomen,… Heel wat IU-leiders beperken zich tot dit soort eisen. En ook Podemos is in hetzelfde bedje ziek. Als we verder kijken dat de vage verklaringen van verzet tegen de heerschappij van het kapitaal en de markten, zien we concrete voorstellen als “het beperken van privatiseringen” of het promoten van “publieke participatie in private bedrijven” en het democratiseren van de ECB. In zowel IU als Podemos is er een strijd nodig om tot een programma te komen dat beantwoord aan de realiteit van de crisis en een beweging die ingaat tegen het kapitalisme met een socialistisch beleid met een verwerping van de publieke schulden en nationalisatie onder democratische controle en beheer van de sleutelsectoren van de economie.

Naast dit gebrek aan politieke geloofwaardigheid is er nog een element van belang. Binnen de organisatie heeft de leiding steeds een veto behouden om iedere reële organisatorische verandering tegen te houden. IU was zelf het resultaat van linkse samenwerking onder Julia Anguita in de jaren 1990 na een massabeweging tegen de NAVO. Het doel was om ruimte te creëren voor de linkerzijde die niet kon bereikt worden door de toenmalige Communistische Partij. Met de beweging van de indignado’s in 2011 kwam er een nieuwe golf van politisering. IU had kansen om dit proces verder te verdiepen en de organisatie te openen voor de nieuwe massale groep van activisten die tegen het systeem ingingen. Velen zijn het beu om telkens opnieuw te protesteren zonder gehoor te vinden en beginnen te begrijpen dat er ook om politieke macht moet gestreden worden. De leiding van IU was jammer genoeg bang dat het zijn greep op de situatie zou verliezen. De enorme mobilisaties leidden niet tot een exponentiële groei van actieve leden van IU. Leden van IU speelden een belangrijke rol in de massamobilisaties van 22 maart 2014, maar ze werden daarin niet gesteund door de leiding. Omdat IU er niet in slaagde om de kansen te grijpen, ontstond er ruimte die nu deels is ingevuld door Podemos.

Voor een verenigd front van de linkerzijde en sociale bewegingen

Na de verkiezingen heeft iedereen plots het licht gezien en zijn er oproepen tot linkse eenheid. Dat gebeurt zelfs door diegenen die zich eerder verzetten tegen iedere openheid tegenover anderen. Socialismo Revolucionario blijft bij zijn eerdere oproep tot een verenigd front van de linkerzijde met IU, Podemos en linkse nationalistische krachten die samen meer dan 20% van de stemmen haalden en daarnaast ook de arbeidersbeweging en sociale bewegingen. De eenheid die we willen, moet zich niet beperken tot akkoorden aan de top van de verschillende organisaties. Er is een open en democratisch proces nodig waarin de activisten van alle organisaties en sociale bewegingen op gelijke voet kunnen discussiëren en beslissen over de volgende stappen om een geloofwaardig plan op te maken om uiteindelijk met de werkende bevolking en de jongeren de macht over te nemen. Onze hoop voor de toekomst rust op de schouders van een nieuwe generatie van politieke activisten die doorheen de gebeurtenissen en massabewegingen van deze periode ontwikkelen.

Het zou echter verkeerd zijn om te denken dat het bureaucratische gevaar en bijhorende rem op de situatie zich enkel bij de leiding van IU bevindt. De kring van mediafiguren die Podemos leidt, kent ook wel wat van het manoeuvreren en er worden belangrijke beslissingen gemaakt over de hoofden van de gewone activisten heen. In toespraken wordt nadruk gelegd op het belang van de macht van de “kringen” (afdelingen, vergaderingen van Podemos), maar deze macht moet zich nog in de realiteit omzetten. De komende maanden zullen beslissend zijn om Podemos te organiseren en we zullen zien of er een democratische structuur van onderuit wordt uitgebouwd om de gepersonaliseerde aanpak van Iglesias en co te controleren.

Iglesias en andere leiders van Podemos baseren zich op het voorbeeld van Chavez en Venezuela. Wij hebben steeds uitgelegd dat het Bolivariaanse proces met de nadruk op de rol van één centrale figuur aanvankelijk electorale steun kan uitbouwen, maar niet in de plaats mag komen van de opbouw van een massale beweging op basis van interne democratie met controlemechanismen van onderuit.

We roepen alle linkse kiezers op om te bouwen aan verenigde algemene vergaderingen in de wijken en op de werkvloer met activisten van alle linkse organisaties en sociale bewegingen. Deze algemene vergaderingen moeten de basis voor een verenigd front vormen. De huidige situatie vereist een dergelijk verenigd front in de strijd voor een politiek alternatief voor de 99%.

Het epicentrum van deze strijd moet eerst en vooral op straat liggen, dat is ook de beste school voor gezamenlijke sociale en politieke actie. Op 22 maart waren er tot twee miljoen betogers op de straten. De alternatieve linkerzijde haalde nog meer stemmen dan deze twee miljoen. De marsen voor waardigheid hebben ondanks de criminalisering en repressie door het regime hun stempel op het electorale proces gedrukt en het tweepartijensysteem van het patronaat een zware slag toegebracht. Dit proces zal de sleutel zijn voor het proces van eenheid en strijd. Vanuit de strijd van de werkenden, armen en jongeren moeten we tot allianties en leidingen komen die in staat zijn om de fundamentele verandering te realiseren die de werkende bevolking wil. Dat kan enkel als wordt gebroken met het kapitalistische systeem en als er werk wordt gemaakt van een arbeidersregering met een socialistisch beleid.