Home / Internationaal / Europa / Overstromingen in de Balkan. Servische en Bosnische regeringen schieten tekort

Overstromingen in de Balkan. Servische en Bosnische regeringen schieten tekort

Mira Glavardanov, CWI (dit artikel is ook in het Servo-Kroatisch beschikbaar onderaan deze pagina: http://www.socialistworld.net/doc/6799)

De Balkan en dan vooral Servië en Bosnië, naast een kleiner deel van Kroatië, wordt getroffen door de ergste overstromingen sinds de metingen 120 jaar geleden begonnen. Op drie dagen tijd kreeg de regio evenveel neerslag te verwerken als normaal op drie maanden. De aanhoudende regen deed rivieren en beken aanzwellen en leidde tot overstromingen. De ondergrond was al verzadigd door het smelten van de sneeuw in de lente. Het overtollige water kon daar niet zomaar opgenomen worden. De overstromingen zijn catastrofaal. Er waren ook honderden grondverzakkingen. Zowat 22.900 vierkante kilometer stond onder water, dat is een gebied dat groter is dan Israël of Koeweit. Het overstroomde gebied in Servië was bijna even groot als de oppervlakte van Cyprus.

Ongetwijfeld zijn de overstromingen mee een gevolg van klimaatveranderingen die steeds meer waarneembare gevolgen hebben in de regio. Er zijn meer overstromingen maar ook meer periodes van droogte. De temperatuur in de zomer gaat steeds vaker boven de 40 graden en extreme droogte is de norm. In deze regio waren er voorheen vier erg onderscheiden seizoenen, maar nu is het klimaat erg onvoorspelbaar, wisselend en bijna chaotisch. De temperatuur kan gemakkelijk met 15 tot 20 graden veranderen op een dag tijd en dat in gelijk welk seizoen. De gevolgen van de klimaatveranderingen zijn in het oosten van Europa en zeker in de Balkan sterker voelbaar dan in de rest van Europa.

Er waren eerder al grote overstromingen in 2006 en 2010, maar de overstromingen van dit voorjaar hebben een nooit geziene omvang. Meer dan 2,5 miljoen mensen werden getroffen. Bijna een miljoen mensen moesten hun huis verlaten en verloren de toegang tot drinkbaar water. Er zijn erg uiteenlopende cijfers over het aantal doden, van enkele honderden tot enkele duizenden. Minstens 100.000 gebouwen en huizen zijn verwoest. Op het ogenblik dat het water terugtrekt, moet er dringend iets gebeuren met de kadavers van dode dieren en het afval, dit kan immers tot ziektes leiden.

Kritiek op de autoriteiten

De rampzalige overstromingen konden gezien de omvang van de neerslag niet vermeden worden, maar er is wel kritiek op hoe de autoriteiten met de gevolgen van de ramp omgaan. Er wordt vooral geklaagd over vriendjespolitiek, de privatisering van openbare diensten en het gebrek aan organisatie van de hulpverlening aan de slachtoffers. Sommige critici hebben het over misdadige nalatigheid. Er wordt op gewezen dat er midden april al waarschuwingen waren voor overstromingen en later op die maand waren er enkele kleine overstromingen. Toch werd niets gedaan om de komende catastrofe te vermijden.

Eerst moet opgemerkt worden dat de drie getroffen landen ook in ‘normale’ tijden een slecht functionerend en corrupt politiek systeem kennen na het opbreken van Joegoslavië 22 jaar geleden en de burgeroorlog die daarop volgde. Een kleine elite heeft zich enorm verrijkt door van de oorlog gebruik te maken, de zwarte markt te organiseren en doorheen dubieuze privatiseringen waarbij een bijzonder brutaal en wetteloos neoliberaal kapitalisme werd ingevoerd. De rest van de bevolking kent daarentegen steeds meer armoede met een hoge werkloosheid en met bijna geen sociale zekerheid. Politici zijn corrupt en dienen de belangen van de buitenlandse grote bedrijven. De bevolking in de landen van de Balkan voelt zich niet vertegenwoordigd door het politieke systeem. Er is een gevoel dat de bevolking aan zijn lot wordt overgelaten.

Een ramp als deze benadrukt de problemen in deze landen nog meer. Er waren enkel geslaagde evacuaties in overstroomde dorpen in Servië, maar de meeste operaties waren gedesorganiseerd zelfs indien het gevaar op overstromingen enkele dagen op voorhand bekend was. Er waren verslagen dat steden en dorpen waar de oppositiepartijen het lokale bestuur vormen doorgaans genegeerd werden door de regering. In het Servische Paraćin was er enkel een geslaagde evacuatie omdat de burgemeester het goed organiseerde. Nochtans zweeg de door de regering gecontroleerde media dagenlang over het feit dat dit gebied getroffen was.

Het ergste geval is ongetwijfeld Obrenovac, een stad net buiten de Servische hoofdstad Belgrado. Drie dagen voor de catastrofe werden hevige regens voorspeld, maar de bevolking werd niet geïnformeerd van de gevaren laat staan geëvacueerd. De stad liep in de nacht van 14 mei onder water en om 5 uur de volgende ochtend ging het alarm af. Toen was het al te laat, er vielen heel wat dodelijke slachtoffers. De lokale verantwoordelijke van de gemeente Obrenovac een dag eerder door inwoners werd aangesproken met de vraag om met de evacuatie te starten. De burgemeester zou geantwoord hebben dat dit paniek zou veroorzaken en dat er wel informatie via de lokale televisie zou verspreid worden. De burgemeester van Belgrado riep de bewoners van Obrenavoc op om thuis te blijven, waar velen overigens de dood zouden vinden.  Na de ramp verdween de oproep van de burgemeester plots van de website van de stad. Diegenen die overleefden, ontsnapten door op het dak te kruipen waar ze lang op hulp moesten wachten. De eerste reddingsploegen zouden overigens uit Russen bestaan hebben en niet uit Serviërs.

Media zwijgen

Het is moeilijk om een exact zicht op de situatie te krijgen, de media hullen zich in stilzwijgen. Toen het water begon te zakken, mocht niemand naar de stad terugkeren. Officieel was dit om ziektes te vermijden. Maar veel mensen vragen zich af of er geen andere redenen zijn en dat met name de dodentol veel hoger is dan officieel aangekondigd werd. Er zijn ook geruchten dat de dam op een rivier vlak voor de stad bewust werd opengezet waarna de regio overstroomde om te vermijden dat er verderop overstromingen zouden zijn rond de belangrijkste energiecentrale van Servië. Er zijn veel vragen over wat er gebeurde en de roep naar een onderzoek en arrestaties neemt toe.

De door de regering gecontroleerde media houden het op beelden van premier Aleksandar Vučić die overal zijn rol van grote redder speelt. Hij wordt vaak gefilmd vanuit reddingsbootjes of helikopters. Hij kreeg al de ironische bijnaam ‘Superman uit Feketić’ omdat hij vorige winter een tienjarige jongen uit een sneeuwstorm zou gered hebben in het dorp Feketić. Ook toen gingen bij de reddingsoperatie kostbare tijd en middelen verloren omdat Vučić moest gefilmd worden terwijl hij met een kind aan zijn hand naar een helikopter liep. Toen er kritiek kwam, verdween de video plots op mysterieuze wijze van het internet. Maar het circuleerde wel verder op de sociale netwerken. Vučić staat bekend voor zijn weinig tolerante opstelling tegenover de oppositie en hij is erg opvliegend. Hij aarzelt niet om voor de camera’s te schreeuwen tegen iedere lokale verantwoordelijke die niet tot de regeringspartij behoort en volgens Vučić de overstromingen niet goed aanpakken. Hij richt zich tegen al wie kritiek geeft op de regering en stelt dat die kritische stemmen ingaan tegen de nationale belangen in deze moeilijke tijden.

Vučić kreeg zoveel mediatijd in het kader van deze tragedie en trok van de ene naar de andere fotoshoot dat er geen ruimte meer was voor de Servische president Tomislav Nikolić. Sommigen begonnen zich af te vragen of de president wel op de hoogte was van de overstromingen. Nadien bleek dat Nikolić op het ogenblik van de rampzalige overstromingen in Obrenovac bezig was met het maken van rakia, een populaire sterke drank in de regio. Hij beperkte zich voorlopig tot één publiek optreden waarbij hij stelde dat God verantwoordelijk is voor de overstromingen en hij feliciteerde de regering voor het antwoord op de ramp. Hij stelde dat de desorganisatie de schuld van de slachtoffers zelf is omdat ze de officiële instructies niet goed genoeg opvolgen of het alarm niet hoorden.

Gevaar van landmijnen

In Bosnië was de situatie gelijkaardig. Na zes dagen van vernietigende overstromingen hield de regering uiteindelijk een vergadering hierover. Ze beslisten dat de noodtoestand niet op federaal vlak moest uitgeroepen worden omdat de getroffen gebieden zelf al hun eigen noodtoestand uitriepen. Bosnië-Herzegovina is opgedeeld in drie etnisch verdeelde en bureaucratisch bestuurde entiteiten. De natuurramp heeft nogmaals aangetoond hoe dit systeem niet werkt. Zelfs de rouwdagen werden afzonderlijk uitgeroepen, alsof het lijden anders is naargelang de etnische achtergrond van de slachtoffers. In Bosnië is er een bijkomend groot gevaar als gevolg van de aardverschuivingen. In de grond zitten nog heel wat landmijnen uit de burgeroorlogen van de jaren 1990. Volgens het Mine Action Center zijn er nog 120.000 landmijnen die voorheen goed in kaart gebracht waren. De overstromingen en landverschuivingen maken dat nu tot 70% van het overstroomde gebied risico op landmijnen kent.

De overstromingen toonden aan dat beide landen totaal onvoorbereid zijn op natuurrampen. Er was onvoldoende materieel voor de hulpoperatie, het ontbrak aan helikopters, boten, pompen, generators en zelfs aan toortsen en kaarsen. Het rampzalige gebrek aan investeringen en onderhoud van de dammen, waterwegen en rivieren werd pijnlijk duidelijk. Heel wat agentschappen die verantwoordelijk zijn voor het onderhoud werden geprivatiseerd en weigerden dan ook om te investeren in wat onvoldoende winst opbrengt. En er zijn nog andere problemen in de regio. Zo is er de oprukkende ontbossing waardoor 75% van het Servische grondgebied aan gronderosie onderhevig is. Een ander probleem is dat veel afval in de rivieren wordt geloosd, wat de stroming vertraagt of zelfs blokkeert. Beide regeringen tonen een gebrek aan milieubegrip en doen er ook niets aan om de bevolking een ecologisch bewustzijn bij te brengen. Dit zal niet opgelost worden door de mensen met de vinger te wijzen. Er is een breder begrip van het sociale bewustzijn nodig om tot verandering te komen. We kunnen niet verwachten dat de mensen zomaar anders zouden handelen dan de heersende ‘waarden’ van de autoriteiten waar inhaligheid, eigenbelang en openlijke criminaliteit de toon zetten.

Er zijn ook positieve kanten aan deze tragedie, met name de wijze waarop de werkende bevolking in de regio erop reageert. Veel mensen zijn het gewoon om voor zichzelf te zorgen zonder enige steun van de autoriteiten. Er waren heel wat door de bevolking zelf georganiseerde hulpoperaties om andere mensen en vee te redden. Op ogenblikken die er echt toe doen, zijn mensen in staat tot een enorme solidariteit en menselijkheid, zaken waarop de regeringen tekort schoten. En er is meer. De bevolking van de hele regio waar slechts enkele decennia geleden harde langdurige oorlogen uitgevochten werden, was er snel bij om elkaar te helpen los van etnische afkomst. Er werd gereedschap uitgewisseld alsook geneesmiddelen, geld en mankracht. Die solidariteit heeft velen geraakt en deed denken aan de oude verbondenheid.

“Regering, we zullen je niet langer storen”

De solidariteit onder de werkende bevolking werd goed beschreven op een Servische blog onder de titel “Regering, we zullen je niet langer storen”: “Laten we dit meteen verduidelijken: de bevolking van dit land verdient alle lof. Als we onszelf niet hadden, dan waren we er al lang aan geweest. Als we de zelforganisatie en de kracht van de solidariteit zien die op korte termijn werd georganiseerd, dan moeten we trots zijn en begrijpen we meteen waarom we doorheen de geschiedenis zoveel overleefd hebben. We zijn er voor elkaar in de moeilijkste situaties. Op normale momenten nemen we soms aan dat iedereen enkel naar zichzelf kijkt en dat we er alleen voor staan, maar wat we vandaag zien, is helemaal anders. Maar aan de andere kant blonk de regering uit in luiheid, onvoorbereidheid en een totaal gebrek aan organisatie. Wie heeft zo’n regering nodig?”

Sommige mensen zeggen dat de getroffen landen binnen enkele maanden nog steeds zullen geleid worden door dezelfde inhalige regeringen en dat we dat aan onszelf te danken hebben. Of dat onze echte solidariteit zal getest worden door ons antwoord op de oproepen van de bevolking van Obrenovac om de verantwoordelijken af te zetten. Dat wijst op frustraties die velen hebben als gevolg van een gebrek aan politiek bewustzijn onder de werkende bevolking. We kunnen dat enkel rechtzetten door arbeidersorganisaties (opnieuw) op te bouwen en socialistische ideeën te populariseren. De solidariteit die opnieuw tot uiting kwam bij de rampzalige overstromingen vormt daar een goed vertrekpunt voor.