Franse voorsteden staan in brand. Jongeren in opstand

De rellen begonnen op 28 oktober toen 2 jongeren uit Clichy werden geëlektrocuteerd nadat ze zich verstopten bij een elektriciteitscabine. De exacte omstandigheden waarin de jongeren om het leven kwamen, blijven voorlopig onduidelijk. Volgens de familie en vrienden van de slachtoffers (Bouna T., 15 jaar, en Zyed B. 17 jaar) kwamen ze rustig terug van een voetbalwedstrijd, toen ze het op een lopen zetten voor een politiecontrole.

Karim Brikci

Identiteitscontroles op straat komen veel voor in de verarmde voorsteden. Heel wat jongeren zijn de controles beu en proberen deze te ontvluchten. De families van de slachtoffers hebben klacht ingediend tegen de politie wegens "het niet verlenen van hulp aan personen in gevaar".

Het gerecht zal zich daarover moeten uitspreken, maar deze kwestie heeft alvast heel wat teweeg gebracht. De reacties van de Franse regering en de traditionele politici waren schandalig. De minister van binnenlandse zaken, Nicolas Sarkozy, herhaalde meermaals zijn beledigende woorden aan het adres van de jongeren uit de voorsteden. Hij had het over "voyous" of "racaille" (uitschot), waarbij die laatste term in Frankrijk een sterk racistische ondertoon heeft.

Volgens Sarkozy moeten de verarmde wijken in de voorsteden opgekuist worden met een hogedrukreiniger. Van het merk Kärcher, om precies te zijn.

Zelfs de politievakbonden verzetten zich tegen de voorstellen van Sarkozy. De minister verscherpt zijn repressieve politiek, waardoor de situatie steeds erger wordt. Er werden 17 eenheden van de oproerpolitie en 7 eenheden van de rijkswacht permanent overgeplaatst naar de ergste ‘probleemwijken’. Na de opflakkering van geweld in een aantal wijken, vormde iedere uitspraak of andere provocatie van Sarkozy er enkel voor extra olie op het vuur.

De oproerpolitie schoot recent een traangasgranaat in een moskee. Aan de andere kant werden verschillende jongeren gearresteerd voor het beschadigen van openbare bezittingen. Dit zal er niet toe leiden dat de rust snel wordt hersteld.

In de nacht van 3 op 4 november waren er voor het eerst ernstige incidenten buiten Parijs. In de Parijse voorsteden werden heel wat auto’s en gebouwen in brand gestoken. Daarnaast waren er ook vernielingen aan het openbaar vervoer, openbare gebouwen (scholen, ziekenhuizen, winkels,…) en privéhuizen.

We kunnen de oorzaken van deze agressie begrijpen, maar aanvaarden de actiemethoden niet. Het verzet moet niet gericht worden tegen de bevolking van de verarmde voorsteden. Zij zijn evenzeer een slachtoffer van het systeem en van de regeringspolitiek. Auto’s en gebouwen afbranden, is geen efficiënte manier om tegen het neoliberalisme te strijden. Het zaait enkel verdeling onder de wijkbewoners en de arbeiders.

Tegenover de asociale politiek en de repressie van de regering Villepin-Sarkozy, moet er een collectief antwoord komen en is er nood aan organisatie.

De wijkbewoners moeten zich organiseren om de rust te herstellen. Dat kan door middel van betogingen en wijkvergaderingen.

Het is geen toeval dat de rellen zich afspelen in de meest achtergestelde wijken van Parijs (Sein-Saint-Denis, Yvelines,…). Sarkozy en Villepin hebben bewust deze wijken overgelaten aan miserie en achterstelling. Zij zijn dan ook verantwoordelijk voor de hoge werkloosheidsgraad, het gebrek aan degelijke huisvesting, de sluiting van postkantoren, het afschaffen van buslijnen, de stijging van de levenskost,…

De woede van de mensen uit deze wijken is normaal en gerechtvaardigd. Het is woede tegen het systeem dat miserie, uitsluiting en geweld voortbrengt. Die woede moet echter op een juiste manier gekanaliseerd worden.

Een recente peiling in "Libération" toont aan dat 2 op 3 Fransen zich anti-kapitalistisch noemt. Brede lagen van de bevolking zijn op zoek naar een alternatief op het kapitalisme. Er is nood aan een strijdbare partij van arbeiders en jongeren. LSP vecht net als Gauche Révolutionnaire (onze Franse zusterorganisatie) voor zo’n partij.

Delen: Printen: