Home / Op de werkvloer / Syndicale rechten / Vakbondsmilitant krijgt boete wegens deelname aan stakingspiket

Vakbondsmilitant krijgt boete wegens deelname aan stakingspiket

Door een correspondent

In november 2008 werd een stakingspiket aan Carrefour in Sint-Pieters-Leeuw ontmanteld door de lokale politie. Een door de directie opgeroepen gerechtsdeurwaarder voerde de politietroepen aan: het uitdelen van pamfletten, het aanspreken van klanten en werkwilligen, en zelfs het in vakbondskleuren aanwezig zijn op het terrein werd zomaar verboden. Verschillende militanten werden opgepakt. Politie noch gemeente kon de redenen voor deze arrestaties aangeven, maar toch werd een boete opgelegd in de vorm van de zogenaamde ‘combitaks’.

Het conflict bij Carrefour

Eind 2008 wilde Carrefour het personeel van haar nieuwe vestiging in Brugge, “Blauwe Toren”, onder een veel slechter paritair comité dan gebruikelijk voor supermarkten plaatsen. De nabijheid tot het historische stadscentrum, 7 kilometer, werd gebruikt om er “toeristisch gebied” van te maken. Het personeel kreeg lagere lonen, slechtere uurroosters inclusief zondagwerk en meer flexibiliteit opgelegd. Voor Carrefour was de winkel in Brugge een precedent, andere winkels zouden volgen en ook bij Delhaize was er interesse voor dit slechtere personeelsstatuut.

Over het hele land werden bij grote Carrefourvestigingen stakingsacties gevoerd, met een grote stakingsbereidheid onder het personeel. De directie ging over tot een agressieve campagne waarbij personeelsleden, vooral mensen met tijdelijke contracten, onder druk werden gezet om toch te werken. Kaderleden belden rond om de werknemers te intimideren. Toen dat niet het gewenste effect had, volgden eenzijdig verzoekschriften bij de rechtbank. Er werd een dwangsom van 1.000 euro gevraagd voor iedere vakbondsmilitant die een werknemer of een klant van Carrefour de toegang tot de winkel zou ontzeggen.

De afgelopen jaren maakten werkgevers steeds meer gebruik van eenzijdige verzoekschriften. Ze trekken naar de rechter en vragen preventieve maatregelen om ‘hinder’ bij stakersposten te verbieden en dit op straffe van een dwangsom. Zoals de naam doet vermoeden, krijgt de geviseerde partij, de vakbonden en het personeel, niet de kans om tegenargumenten naar voor te brengen. Enkel de werkgever wordt gehoord.

Door stakersposten aan banden te leggen, wordt het recht op collectieve actie geschonden. In 2012 veroordeelde het Europees Comité voor Sociale Rechten deze praktijk. In 2011 werd het door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens aan de kaak gesteld (1). Maar de Belgische regering weigert deze Europese beslissingen door te voeren, werkgevers blijven dan ook gretig gebruik maken van het systeem.

Pinkerton in Sint-Pieters-Leeuw

Aan de stakerspost bij Carrefour in Sint-Pieters-Leeuw verscheen in 2008 een gerechtsdeurwaarder die werd bijgestaan door de directeur van de winkel en de lokale politie. Intimiderende telefoontjes door de kaderleden hadden slechts een tiental werkwilligen (op 112 werknemers) opgeleverd. De deurwaarder betekende het verzoekschrift niet, er werd enkel gezegd dat de toegang tot de winkel moest gegarandeerd worden. Elke poging om dat te verhinderen, inclusief het uitdelen van pamfletten of discussies met mensen, werd verboden. (2)

Ruimte voor discussie was er niet, de gerechtsdeurwaarder en de politie hielden zich strikt aan het motto van westernheld John Waine: “Never apologize and never explain, it’s a sign of weakness.” Vermoedelijk waren westerns inderdaad een inspiratiebron voor de gerechtsdeurwaarder en de lokale politie van Sint-Pieters-Leeuw. Hun optreden deed terugdenken aan de Pinkerton Men, private detectives die eind 19de en begin 20ste eeuw werden ingezet om stakersposten in de Verenigde Staten te ontmantelen, desnoods met geweld.

Toen de actievoerders niet meteen ingingen op de onmogelijke eisen van de gerechtsdeurwaarder, duidde die één voor één de militanten aan die moesten worden opgepakt. De auteur van dit artikel was een van hen. Ondanks herhaaldelijke vragen werd geen PV opgesteld en weigerde de politie onze arrestatie in te schrijven in het aanhoudingsregister.

Combitaks

De gemeente besliste om de gearresteerden een administratieve boete op te leggen, de zogenaamde ‘combitaks’ of een “belasting op het vervoer met een politievoertuig”. We hebben deze boete meteen betwist, het politieoptreden was immers niet correct en we kregen geen antwoord op de vraag waarom we werden opgepakt. Het beroep bij de gemeente werd afgewezen, waarop beroep bij de rechtbank van eerste aanleg in Brussel werd aangetekend.

De rechtbank weigerde zich over de grond van de zaak uit te spreken, met name de vraag wat de redenen voor de arrestatie waren en of dit opportuun en gerechtvaardigd was. De gemeente stelde dat dit niet ter zake deed. Er was vervoer per politiecombi geweest en dus was een combitaks vereist. Blijkbaar is de gemeente Sint-Pieters-Leeuw een soort politiestaat waar sociale vrijheden en grondwettelijke rechten niet gelden bij een politieoptreden. De politie dient geen enkele verantwoording af te leggen wanneer ze personen aanhoudt.

Ook in hoger beroep werd de beslissing bevestigd. Op de vraag waarom tot arrestaties was overgegaan, antwoordde de raadsman van de gemeente dat er op stakersposten “wel vaker ongeregeldheden gebeuren.” Concrete feiten kon de advocaat niet aangeven, een algemene anti-syndicale retoriek volstond. De rechter in beroep weigerde zich over de grond van de zaak uit te spreken, een rechtvaardiging van het politieoptreden was niet nodig.

De rol van gerechtsdeurwaarders in sociale conflicten

Over het eenzijdig verzoekschrift schreef de rechter in het arrest: “Bij verhoor verklaarde appellant dat hij aan de ingang van het bedrijf stond en werkwilligen poogde te overtuigen van het nut van een vakbondsactie. Blijkbaar werd ingevolge een vonnis vervolgens een bevel betekend met bijstand van een gerechtsdeurwaarder tot het stopzetten van die actie.” (3) En verder wordt erop gewezen dat “appellant op de voornoemde datum deelnam aan een syndicale actie waarbij de werkgever een beschikking had bekomen van de Voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg te Brussel om bepaalde syndicale acties te verbieden” (4). Daarop oordeelt de rechter dat “appellant op de voornoemde datum aanwezig was op een niet toegelaten plaats en wijze […] waarbij de betrokken werkgever […] de stopzetting van de actie vorderde.” (5).  En tenslotte: “Immers is sprake van het bestaan van een rechterlijk bevel op grond waarvan de stopzetting van de al genoemde actie met bijstand van de politiediensten werd benaarstigd.” (6)

Dat het eenzijdig verzoekschrift pas na de arrestatie werd betekend, toen de auteur van dit stuk na een kort verblijf in de cel van het politiekantoor terug naar de terreinen van Carrefour werd gebracht, was voor de rechter niet van tel. Bijzonder problematisch is de uitspraak dat ondergetekende werd opgepakt op basis van “verboden feiten”, met name “het proberen overtuigen van werkwilligen van het nut van een vakbondsactie.” Het uitdelen van pamfletten en aanspreken van werknemers zijn plots “verboden feiten” terwijl het eenzijdig verzoekschrift zich beperkte tot het fysiek de toegang tot de winkel ontzeggen.

Het verbieden van het uitdelen van pamfletten en het aanspreken van mensen is een flagrante aanfluiting van het recht op collectieve actie. Uiteraard brengt de gerechtsdeurwaarder een brede interpretatie van het eenzijdig verzoekschrift, hij speelt geen ‘neutrale’ rol maar wordt door de werkgever betaald om elke vorm van syndicale actie de kop in te drukken. Met dwangsommen heeft de deurwaarder een machtsmiddel om naar eigen goeddunken te bepalen tot welk punt collectieve actie is toegelaten. Grondwettelijke rechten moeten wijken voor de willekeur van de gerechtsdeurwaarder.

Elke syndicale militant kan het slachtoffer worden van deze praktijken, de ervaring leert dat het gebruik van gerechtsdeurwaarders steeds vaker voorkomt. Het is belangrijk dat vakbonden zich verzetten tegen deze gang van zaken, enerzijds door systematisch juridische stappen te zetten om de legitimiteit van deze praktijken onderuit te halen, maar ook door een strategie van massamobilisatie en georganiseerd verzet te organiseren, telkens wanneer een werkgever probeert gebruik te maken van gerechtelijke bevelen of gerechtsdeurwaarders om een syndicale actie te breken. Enkel door het uitbouwen van een syndicale krachtsverhouding kunnen we ons recht op collectieve actie verdedigen!

 

Voetnoten

(1) http://www.abvv.be/web/guest/press-releases-nl/-/press/607552/

(2) Lees ook het artikel dat we toen schreven: http://www.socialisme.be/nl/4991/spl

(3) Arrest van het Hof van Beroep te Brussel, Kamer 6B, AR. Nr. 2011/AR/765, p. 2

(4) Idem, p. 4

(5) Idem, p. 5

(6) Idem, p. 5