Home / Op de werkvloer / Petrochemie / Lanxess. Rechter verwerpt vordering werkgever

Lanxess. Rechter verwerpt vordering werkgever

fotoBij Lanxess in Zwijndrecht wordt al wekenlang gestaakt tegen een onaanvaardbaar cao-voorstel van de directie. Die directie speelt het hard, arrogantie en intimidatie gaan hand in hand. Het was dan ook niet verwonderlijk dat de directie al snel naar de rechter trok om de stakersposten te verbieden. Zes arbeiders, delegees, werden eruit gepikt en moesten voor de rechter verschijnen.

In het vonnis van 31 maart krijgt de directie geen gelijk. De rechter merkt op dat wel een beslissing kan genomen worden, maar dat een rechter geen collectief geschil kan beslechten. De bevoegdheid van de rechter is beperkt tot ‘feitelijkheden’ die niet eigen zijn aan een normale uitoefening van het stakingsrecht, denk maar aan geweld.  Ook wordt opgemerkt dat het argument van het recht op arbeid door werkwilligen niet door de werkgever kan ingeroepen worden. Dit recht komt enkel de individuele werknemer toe, stelt de Antwerpse rechter.

Meer fundamenteel stelt het vonnis dat een gerechtelijke tussenkomst met de nodige omzichtigheid dient te gebeuren omdat het stakingsrecht een grondrecht is. “Enkel wanneer voldoende bewezen is dat de grenzen van de normale en gangbare uitoefening van de stakingsactie kennelijk overschreden worden, zal een rechtelijk optreden verantwoord zijn”, aldus het vonnis. Dat is een belangrijke, maar tegelijk een vage omschrijving. Wat is immers een normale en gangbare uitoefening van het stakingsrecht? Voor de arbeidersbeweging omvat dat uiteraard ook het recht om stakersposten op te zetten, voor de werkgevers wordt dat liefst zoveel mogelijk beperkt.

De rechter in Antwerpen oordeelt dat het stakingsrecht een grondrecht is en dat het eigen aan dit recht is dat “de uitoefening ervan gepaard gaat met ongemakken voor het bedrijf.” En nog: “Het recht op collectieve actie is waardeloos indien het onmiddellijk zou kunnen geneutraliseerd worden door zich te beroepen op het eigendomsrecht of het recht op ondernemen.” Een vreedzame stakerspost is volgens het vonnis geoorloofd en past binnen de normale grenzen van het stakingsrecht, maar dit wordt wel beperkt tot een stakerspost “beperkt tot het bedrijf waar het conflict zich afspeelt”.  Wat met een stakerspost die een volledig industrieterrein blokkeert?

De uitspraak is uiteraard positief voor de arbeidersbeweging. Het bevestigt het stakingsrecht en indirect ook dat de omvang van dat stakingsrecht afhankelijk is van de krachtsverhoudingen op het terrein. Het is aan ons, de arbeidersbeweging, om te bepalen wat een “normale en gangbare uitoefening” van het stakingsrecht is. Op basis van solidariteit en vastberaden acties moeten we onze rechten afdwingen!