Home / Belgische politiek / Lokaal - Antwerpen / Gebeurt de Antwerpse afvalophaling straks enkel door GAS-ambtenaren?

Gebeurt de Antwerpse afvalophaling straks enkel door GAS-ambtenaren?

Door Jarmo Van Regemorter, woordvoerder LSP-Antwerpen

Na een resem onpopulaire en asociale besparingsmaatregelen in onder andere de sociale en culturele sector, gaat het Antwerpse stadsbestuur nog een stap verder. Het doet eerder denken aan een besparingsoperatie in Griekenland, maar u leest het goed: de stad Antwerpen wil in de komende 10 jaar de huisvuilophaling laten uitsterven.

Vuilniskarren verdwijnen uit het straatbeeld. In januari 2015 start de stad al met een pilootproject op Linkeroever en in de wijk Dam. In plaats van vuilniskarren die het huisvuil komen ophalen, zullen er zogenaamde sorteerstraten uitgebouwd worden. Dit zijn ondergrondse containers waar mensen hun huisvuil zelf naartoe moeten brengen.

Volgens schepen voor Stads- en Buurtonderhoud Philip Heylen (CD&V) mag men niet onderschatten hoe zwaar de job van huisvuilophaler is. Hij vindt het humaner om dan maar te schrappen in de werkgelegenheid. Het is onduidelijk waarom hij denkt dat de inwoners van Antwerpen de job onderschatten: ze zijn normaal gezien toch genereus met de nieuwjaarsfooien die het stadsbestuur eveneens probeert te verbieden? Ook de afvalophalers zelf voelden zich niet echt gesterkt door Heylens commentaar. Zij reden de dag dat het nieuws bekend werd niet uit. Zo bleef het vuil een dag liggen, een straatbeeld waar we maar beter aan wennen als het van het Antwerps stadsbestuur afhangt.

Uiteraard is het afschaffen van de vuilkarren een besparingsoperatie. De komende tien jaar zal de stad geen nieuwe vuilnismannen aanwerven. Bovendien zal een deel van de werkzame vuilnismannen bedreigd worden door (technische) werkloosheid als de huisvuilophaling effectief afgebouwd wordt. Daarenboven is het zelf wegbrengen van je huisvuil – omdat het niet opgehaald wordt – niet gratis: Antwerpenaren zullen herlaadkaarten moeten kopen die ze in de bibliotheek kunnen opladen. Wat dit betekent voor minder mobiele mensen legt Heylen in klare taal uit: “Die moeten nu toch ook al hun huisvuil buitenzetten?” Met een dergelijke redenering kan je natuurlijk elke asociale besparing proberen goed te praten.

Besparen op essentiële stadsdiensten bevordert op geen enkele manier de leefbaarheid in de stad. Vandaag is er – dankzij de peperdure vuilzakken – al een sluikstortprobleem in Antwerpen. Dat kan zonder vuilkarren natuurlijk enkel exponentieel toenemen. Geen probleem voor het stadsbestuur, dat dankzij deze win-winsituatie de inkomsten aan GAS-boetes nog de hoogte zal zien ingaan. Nu wordt het huisvuil dat door vergetelheid op feestdagen buitengezet werd opgehaald door GAS-ambtenaren die meteen een recordaantal boetes kunnen uitschrijven. Wordt dat straks de algemene norm?

Een sociaal stadsbestuur zou de nodige investeringen doen om de leefbaarheid en levensstandaard van de Antwerpenaren te verhogen. Dit stadsbestuur doet het tegenovergestelde: elke inwoner wordt individueel verantwoordelijk gemaakt voor zijn eigen situatie. Als de situatie waarin je je bevindt niet in de smaak valt bij het stadsbestuur, krijg je een GAS-boete. Verzet tegen een dergelijk beleid is broodnodig en onvermijdelijk.