Iran: “We hebben honger, we willen werk”

In de repressieve Iraanse Islamitische Republiek, lijdt de bevolking onder de hoge graad van kapitalistische uitbuiting. De stagnatie van de economie, met een overkapaciteit en bedrijfssluitingen, heeft geleid tot het verdwijnen van veel jobs en een grotere jobonzekerheid.

Eleanor Pari

In dit economische klimaat wordt de hoge werkloosheid door het patronaat gebruikt om een aanval te lanceren op de lonen en om de arbeiders langer te laten werken, terwijl dit in veel gevallen nefast is voor hun gezondheid. Die problemen zijn verboden aan het beleid van de zogenaamde ‘hervormingsgezinde’ president Khatami die het beleid voert dat opgelegd wordt door de Wereldbank.

In 1995 keurde het parlement een wet goed waardoor werkgevers werknemers op basis van een overeenkomst voor korte duur kunnen tewerkstellen. Als arbeiders akkoord gaan met de overeenkomsten voor 89 dagen, kunnen ze uitgesloten worden van de toegang tot werkloosheidsuitkeringen, aangezien daar pas recht op is nadat de werknemer 90 dagen gewerkt heeft bij eenzelfde werkgever.

De arbeidsvoorwaarden zijn zo hard dat een aantal arbeiders gestorven zijn op hun werk. Zo was er in de Pejeote auto-fabriek op 15 september een spontane staking nadat een 25-jarige arbeider bezweken was onder druk van het harde werk. Enkele uren voordien hadden arbeiders aan de patroon gevraagd om iets te doen aan de arbeidsvoorwaarden van die arbeider, maar de patroon weigerde.

In een ander geval pleegde een arbeider van het staalbedrijf Ahvaz zelfmoord nadat hij geen loon had gekregen gedurende 4 maanden. Zijn vrouw was ziek en hij kreeg een deurwaarder over de vloer die aankondigde hem uit zijn huurflat te zullen zetten.

Om zich te verdedigen tegen de kapitalisten, vechten de Iraanse arbeiders op verschillende manieren. Er zijn stakingsacties, bijeenkomsten op de werkvloer, wegblokkades, betogingen en recent ook een aantal hongerstakingen.

De belangrijkste strijd de afgelopen maanden was die van militante arbeiders in Behshabr in het noorden van Iran. Nadat ze geen loon hadden gekregen gedurende 25 maanden, en sommigen onder hen gedurende 5 jaar, werd geprotesteerd in de stad. In mei slaagden ze erin om een grote betoging te organiseren, volgens de officiële media waren er 25.000 deelnemers aan de betoging!

Zoals gewoonlijk weigerde de regering in te gaan op de eisen van de arbeiders. Op het einde van de maand mei gingen de arbeiders in hongerstaking. De autoriteiten hadden geen aandacht voor de actie, maar zorgden er wel voor dat de arbeiders omsingeld werden door politie-agenten zodat ze niemand zouden kunnen contacteren, zelfs niet de eigen familie.

Bij de recente studentenbetogingen, slaagden arbeiders vanuit Behshahr erin om deel te nemen aan de acties. Het laatste nieuws is dat de politie de arbeiders bij hen thuis heeft aangevallen waarbij traangas in de huizen van de arbeiders werd verspreid. Daarbij werden vele arbeiders ook op brutale wijze opgepakt.

Een andere belangrijk voorbeeld van strijd is de beweging van de 5.000 arbeiders in de Deezel auto-fabriek. Volgens een Iraans blad werden acties opgestart nadat de patroon de arbeidsovereenkomsten van onbepaalde duur wou omzetten in overeenkomsten van 89-dagen. Hierdoor zouden arbeiders die ontslaan worden niet langer recht hebben op een werkloosheidsuitkering. Een aantal arbeiders heeft in dit bedrijf gewerkt gedurende meer dan 15 jaar en worden nu onder druk gezet om zelf ontslag te nemen.

De strijd van zijde-wevers in Gilan (een provincie in het noorden van het land) is een recent voorbeeld: op 28 oktober trokken 300 ontslagen arbeiders op straat om werk te eisen. Hun eis werd niet ingewilligd waarop een weg tussen de steden Astra en Rasht werd geblokkeerd terwijl de arbeiders slogans riepen als: "We hebben honger, we willen werk".

Delen: Printen: