Home / Belgische politiek / Nationaal / Rijkelijke afscheidspremies voor politici

Rijkelijke afscheidspremies voor politici

Bij elk sociaal plan na een collectieve afdanking huilen er wel enkele neoliberale wolven over de verspilling. Brugpensioen vinden ze schandalig en opzegvergoedingen – eigenlijk oprotgeld – al evenzeer. De arbeidsmarkt is toch flexibel geworden, beweren ze, en ze hebben het over ‘flexicurity’ om de afbraak van de sociale zekerheid te verdoezelen.

Deze retoriek stopt abrupt op het ogenblik dat de eigen ontslagregelingen aan de orde zijn. Kamervoorzitter Flahaut maakte bekend dat 3,1 miljoen euro opzijgezet is om vertrekpremies van parlementsleden die niet herverkozen raken te betalen. Dat lijkt misschien beperkt, maar indien de verwachting van Flahaut dat een derde van de 150 Kamerleden niet terug komt klopt, dan spreken we over 62.000 euro per parlementslid.

Dit systeem is dan al aangepast, in plaats van een afscheidspremie van vier jaar (riant) loon zullen de parlementsleden het moeten stellen met twee jaar loon. Ter vergelijking: met het nieuwe eenheidsstatuut is een anciënniteit van drie jaar verschuldigd om aan drie maanden opzegtermijn te geraken. Een opzegvergoeding van twee jaar is zo goed als onmogelijk voor wie onder de regels van het eenheidsstatuut begint te werken. Na 30 jaar kom je aan 1 jaar en vier maanden.

Voor veel politici ging het eenheidsstatuut niet ver genoeg, maar voor henzelf vinden ze een beperking tot twee jaar schandalig. Kamervoorzitter Flahaut verklaarde vandaag in De Standaard: “Sommigen hebben mij gezegd, als het zo zit doe ik niet meer voort. Dat betekent natuurlijk een verlies aan ervaring in het parlement.” Dat parlementsleden tot 30 juni 2014 nog op 55 jaar op pensioen kunnen, als ze 20 jaar parlementslid zijn geweest, draagt wellicht ook bij tot het vertrek van enkele parlementairen. Voor diegenen die nu niet meer verkozen raken, blijft het ‘brugpensioen’ op 55 jaar mogelijk. Nadien wordt de leeftijdvereiste naar 62 jaar opgetrokken.

Als het over onze jobs en sociale bescherming gaat, kan het niet streng genoeg zijn. Maar aan hun eigen privileges raken vinden ze onaanvaardbaar. Het maakt ook nogmaals duidelijk hoe ver hun leefwereld van die van ons staat. Hun leefwereld is die van de toplui met gouden parachutes en speculatieve bonussen waar uiteindelijk de gemeenschap, wij dus, voor moet opdraaien. Het is niet verwonderlijk dat heel wat van die bruggepensioneerde politici bijklussen in raden van bestuur van grote bedrijven.