Pakistaanse arbeiders in verzet tegen privatisering telecom

In samenwerking met de Wereldbank en het IMF voerde de Pakistaanse regering de afgelopen 15 jaar grootschalige privatiseringen door. Sindsdien steeg de werkloosheid van 5% naar 11%, het aantal officiële armen van 22% van de bevolking tot 50%. Begin mei startte de regering-Musharraf met voorbereidingen voor de privatisering van het telecommunicatiebedrijf PTCL (Pakistan Telecommunications Company Ltd). PTCL heeft een jaarlijkse winst van 263 miljoen pond. De helft van het personeel zou bij de privatisering afvloeien en niet-winstgevende dienstverlening zou verdwijnen.

De strijdbaarheid onder de telecomarbeiders was bijzonder groot. Door negen vakbonden uit de sector werd een Actiecomité tegen de privatisering opgezet. Aan de basis lagen de Socialist Movement (onze Pakistaanse zusterorganisatie) en de Trade Union Rights Campaign – Pakistan (TURC-P). De oproep van het comité om vanaf 5 mei dagelijks twee uur het werk neer te leggen werd massaal opgevolgd. Op 10 mei waren er meer dan 41.000 aanwezigen op massavergaderingen in het hele land. Na het afspringen van de onderhandelingen werd op 26 mei overgegaan tot een staking van onbepaalde duur, waaraan 61.000 arbeiders deelnamen. Solidariteitsberichten van over heel de wereld zetten extra druk op de regering en op 1 juni werd aan verschillende Pakistaanse ambassades geprotesteerd.

Het managment probeerde via eindeloze onderhandelingen de beweging uit te putten, terwijl paramilitairen de PTCL-infrastructuur bewaakten. De regering ging op 1 juni over tot arrestatie van vijf stakingsleiders, onder internationale druk werden de vijf al snel vrijgelaten. Na 10 dagen staking tekende de regering een akkoord waarbij ze afzag van privatiseringen. Ook de 27 andere eisen van het Actiecomité werden ingewilligd.

Ondanks het akkoord hervatte de regering-Musharraf op 11 juni het privatiseringsproces. Toen het Actiecomité weigerde haar verzet op te geven, ging de regering over tot arrestatie van 1.100 vakbondsmilitanten. Er waren raids door paramilitaire troepen op de huizen van een aantal militanten. Het leger werd opnieuw ingezet om de infrastructuur te bewaken. Lock-outs en ontslagen volgden…

Drie dagen later ondertekende de leiding van de Bediendenvakbond een akkoord met de regering, waardoor het vakbondsfront werd gebroken. Na bijna drie weken strijd zijn de meeste arbeiders terug aan het werk. Ondanks de woede van de arbeiders wordt de uitkomst niet als een volledige nederlaag gezien, aangezien de andere eisen ingewilligd werden. De militanten trekken lessen uit deze strijd en bereiden zich voor op nieuwe aanvallen. Het voorbeeld van het verzet tegen de privatiseringen in Pakistan is belangrijk om aan te geven hoe er ook in de neo-koloniale wereld bewegingen en oppositie groeien tegen het neoliberalisme.

Delen: Printen: