Volgens een recente studie van Itinera is de afname van kwaliteit aan de universiteiten en hogescholen in ons land de schuld van de studenten. Die zijn met te veel om hogere studies aan te vatten en het ontbreekt hen soms aan motivatie of talent om te slagen.

Artikel door Emily (Namen) uit de december/januari-editie van ‘De Linkse Socialist’

Dergelijke opmerkingen stellen het recht op degelijk, gratis en toegankelijk hoger onderwijs in vraag. Er zijn heel wat rechten afgedwongen op basis van strijd door de arbeidersbeweging. Nu worden die in vraag gesteld. En dat terwijl er nog heel wat verbetering noodzakelijk is, het Belgische schoolsysteem blinkt uit in het reproduceren van sociale ongelijkheid. Als er te veel studenten in de auditoria zitten, is dat niet het probleem maar een symptoom van een onderliggend probleem. Niet het aantal jongeren dat wil studeren, is het probleem, maar wel het jarenlange chronische gebrek aan publieke investeringen.

Langs Franstalige kant is er een nieuw decreet-Marcourt. Dat zal geen verbetering brengen. Het hoger onderwijs wordt gefinancierd met een gesloten enveloppe: het bedrag blijft gelijk terwijl het aantal studenten de afgelopen jaren toenam. Tussen 1991 en 2010 is de subsidie per student hierdoor met 10% afgenomen. In plaats van te stellen dat er te veel studenten zijn, moeten we opkomen voor het recht op degelijk onderwijs en dus voor meer publieke middelen.

Er zijn tal van voorbeelden die aangeven tot wat de tekorten leiden. De Hogeschool Albert Jacquard (HEAJ) in Namen werd onder voogdij van minister Marcourt geplaatst na wanbeheer. Het kwam al snel tot drastische maatregelen: afdankingen onder het personeel waardoor sommige groepen plots met dubbel zoveel in de les zaten, de cafetaria werd omgevormd tot een auditorium, studenten moesten zelf opdraaien voor kosten voor materieel en uitstappen waar ze het nut niet van inzagen. Aan de Luikse universiteit kwam de raad van bestuur met een “stabiliteitsplan” waarmee het personeel wordt afgebouwd. Het gebrek aan investeringen zorgt er bovendien voor dat bestaande problemen met de infrastructuur enkel erger worden (te kleine auditoria, gebouwen die te weinig of te veel verwarmd worden, …).

De studenten organiseren zich om het recht op degelijk en toegankelijk hoger onderwijs af te dwingen. Er zijn hier en daar de eerste kiemen van verzet, deze zullen ongetwijfeld verder ontwikkelen. Sinds het begin van het jaar waren er bijvoorbeeld verschillende algemene vergaderingen aan de HEAJ in Namen. Op 29 oktober was er een studentenstaking waarbij meer dan 400 studenten, doorgaans voor het eerst in hun leven, betoogden. Een derde van alle studenten nam aan de actie deel en de studentenstaking ging gepaard met een werkonderbreking door het personeel gedurende een uur.

De actievoerders protesteerden tegen de slechte omstandigheden op de hogeschool en ze gaven aan dat ze een voorbeeld van strijd willen stellen voor andere hogescholen en universiteiten. Er zijn in zowat alle steden gelijkaardige voorbeelden. In Brussel voeren de studenten van de ULB actie tegen de hervorming van het bestuur aan de universiteit. In Luik was er een betoging van hogeschoolstudenten en is er ongenoegen aan de universiteit. In Antwerpen waren er acties aan de AP Hogeschool. Door deze eerste acties worden de beste tradities van strijd opnieuw opgebouwd. Dat vraagt enige tijd om te zien hoe we ons best organiseren, welke eisen we stellen, …

Onder meer aan de ULB brachten we met de Actief Linkse Studenten onze expertise naar voor inzake het opmaken van een actieplan en de eisen die we stellen. Dat werd positief onthaald door een steeds grotere groep studenten die radicaliseert en actief wil deelnemen aan studentenstrijd. Het gebeurt vaak nog onder de oppervlakte en er wordt weinig aandacht aan geschonken, maar het verzet bouwt zich op. We horen van ver reeds de eerste signalen dat de vulkaan van ongenoegen zal uitbarsten. De gevolgen van het jarenlange gebrek aan investeringen en de eerste directe besparingen voeden de woede. Met LSP en ALS willen we het potentieel van die energie kanaliseren in een voorbeeldige strijd waarmee we de besparingen effectief kunnen stoppen. Als wij er niet voor zorgen, komt er geen einde aan hun besparingstunnel.