Europees parlement wil einde lange werkweek. Mia De Vits onhoudt zich.

In de strijd voor een positieve afloop van het Franse referendum inzake de Europese grondwet, worden alle mogelijke middelen boven gehaald om aan te tonen dat Europa ook “sociaal” kan zijn. Het meest recente voorstel betreft de beperking van de werkweek tot 48 uur. Dat werd goedgekeurd in het Europees parlement als symbool, maar tegelijk wordt reeds gesteld dat de kans erg klein is dat het ook door de Commissie raakt of dat het zal worden goedgekeurd door de lidstaten.

De BBTK publiceerde reeds een persbericht waarin het stelt dat de stemming in het Europees parlement een syndicale overwinning is omdat ervoor gekozen is om de wachttijd als arbeidstijd te behouden en er tevens ingegaan wordt tegen de mogelijkheden voor lidstaten om een “opting-out” te kiezen (de mogelijkheid voor een werkgever om van de regel af te wijken indien de werknemers akkoord gaan).

Voor zover het een syndicale overwinning is, zal het een beperkte overwinning zijn. In de media verklaarden een aantal Europarlementsleden reeds dat het voorstel zoals het nu voorligt geen kans maakt. Frieda Brepoels van de N-VA in de Gazet van Antwerpen: “Niet alleen de Britten zijn tegen, de meeste nieuwe lidstaten gaan dit ook nooit aanvaarden. Hun economieën kunnen de last van dit soort algemene sociale regels niet aan.”

Dit voorstel zal dan wellicht wel een lege doos zijn die niet eens goedgekeurd wordt, maar de stemming ervan in het Europees parlement is een uitdrukking van het feit dat er een groeiende druk is om Europa te profileren als ‘socialer’. Dat weerspiegelt de groeiende oppositie tegen de neo-liberale EU, wat onder meer tot uiting komt in de sterke steun voor het Neen-kamp bij de referenda in Frankrijk en Nederland. Eerder was het verzet tegen de neo-liberale EU ook reeds het centrale thema van de Europese vakbondsmobilisatie op 19 maart in Brussel.

Een opvallend gegeven bij de stemming in het Europees parlement over de striktere regels inzake de werkweek, was dat voormalig ABVV-voorzitster Mia De Vits zich onthield. De syndicale overwinning waar de BBTK het over had, was dus alleszins niet te danken aan de voormalige ABVV-voorzitster. Dit doet alvast de vraag stellen naar een politiek verlengstuk voor vakbondsmilitanten. Als ze al niet kunnen rekenen op voormalige leiders van hun eigen organisatie, op wie kunnen ze dan rekenen op politiek vlak? Het stelt volgens ons eens te meer de noodzaak van een eigen politiek verlengstuk van de arbeiders en jongeren.

Delen: Printen: