Na een sluiting, welke reconversie?

Interview door Guy Van Sinoy

Getuigenis van André Fontaine, 25 jaar arbeider bij Renault-Vilvoorde afgedankt bij de sluiting in ’97

Om de sluiting aanvaardbaar te maken heeft Renault een toneel opgevoerd. Eerst door in het bedrijf een showroom met zetels, telefoon en stapels dagbladen in te richten voor werkzoekende arbeiders. Vervolgens door talloze pannelen met jobaanbiedingen te plaatsen, waarvan vele al vervallen.

Bovendien verbond Renault zich ertoe om op de bedrijfsterreinen de komende 3 jaar 400 arbeiders over te nemen (aanvankelijk had men 1500 gezegd): 200 het eerste jaar, dan 100 en nog eens 100. Die arbeiders verrichten kleine werken in de plaatslagerij, montage van uitlaten en van banden. Ze moesten loonsvermindering en meer flexibiliteit aanvaarden en verloren hun premies.

Tenslotte beloofde men de werkzoekenden met opleidingen bij te staan. Probeer het je eens in te beelden: arbeiders die jaren bij Renault werkten, moesten een nieuw vak leren. In welke branche? Aan welk loon? In welke voorwaarden? De meesten waren daar niet toe bereid. De selectie gebeurde nogal willekeurig op basis van het dossier op de personeelsdienst. Het is niet omdat men jaren lasser is geweest, dat men niets anders kan. Sommigen werden om psychische of fysische redenen geweigerd. Anderen werden zonder de minste vorming georiënteerd naar slecht betaalde jobs (afwasser in de horeca) om er vanaf te zijn en aan te tonen dat men “snel” ander werk kon vinden.

Voor Renault werkte ik als fotograveur. Ik heb dus een opleiding als infograficus (lay out op PC) aangevraagd en werd geselecteerd. Gedurende 4 maanden kregen we een opleiding in de privé. Langs Franstalige kant waren we met een dertigtal. Uiteindelijk heeft men ons gezegd dat het teveel kostte en dat we de opleiding maar bij de FOREm (de Waalse tegenhanger van de VDAB) moesten vervolledigen. De meesten hebben opgegeven. Ik heb als enige de vorming gedurende 2 jaar voortgezet.

Op de FOREm-opleiding was ik de enige werkzoekende. Alle anderen waren infografici, gestuurd door hun werkgever om hun vorming goedkoop te perfectioneren. Eigenlijk was de opleiding op hun maat gesneden. Ik vond dat shockerend. Natuurlijk hebben ze recht op bijkomende vorming, maar hun werkgever heeft voldoende middelen voor een private opleiding. De FOREm moet zich richten op werkzoekenden.

Normaal moest op de vorming een stage van 3 maanden in een bedrijf volgen. De FOREm liet me echter weten dat ik te oud was (meer dan 50), dat de markt verzadigd was en dat het geen zin had mijn vorming verder te zetten. Ik ga ervan uit dat ze van bij het begin mijn geboortedatum hadden gelezen in mijn dossier! Men heeft mij jaren aan het lijntje gehouden voor niets.

Delen: Printen: