Partijen en vakbonden

1 mei, een internationale feestdag van de arbeiders, is het moment om te spreken over de relatie tussen partijen en vakbonden. In België werd de eerste syndicale beweging opgericht door de Belgische Werklieden Partij (BWP). Alle leden van de vakbond waren automatisch ook lid van de BWP. Het is door deze band met de vakbond dat de reformistische leiders van de BWP (Vandervelde & Co) erin slaagden om de algemene stakingen eerst te kanaliseren, om ze daarna volledig te controleren.

Guy Van Sinoy

De christelijke vakbond werd in eerste instantie opgericht als een anti-socialistische organisatie. De klassenstrijd heeft er echter na verloop van tijd een echte vakbond van gemaakt. Bij de oprichting van het ABVV, na de Tweede Wereldoorlog, waren er verschillende stromingen aanwezig: socialisten, communisten, renardisten. Op papier was het ABVV onafhankelijk van de BSP, maar na een tijdje nam de sociaal-democratie de controle van het syndicale apparaat over.

In Vlaanderen was die controle volledig. De komst van Mia De Vits destijds aan het hoofd van het ABVV duidde op een draai naar rechts van de leiding van de vakbond. De brutale aanpak van een links figuur als Albert Faust in Brussel was één van de gevolgen. De Vits wilde meer macht geven aan de regionale afdelingen van het ABVV ten koste van de verschillende centrales, met als doel de vakbond om te vormen tot een dienstenvakbond.

De Vits kwam echter in conflict met de centrales die hun macht en autonomie wilden behouden. Ze is dan maar vertrokken om carrière te maken in het Europese Parlement voor de SP.a. De verandering van zowel SP.a als PS tot zuivere instrumenten van de burgerij en hun totale onderwerping aan het neoliberale beleid, waarvan de goedkeuring van de Europese grondwet het laatste dieptepunt is, zal de relatie tussen de sociaal-democratie en het ABVV steeds meer onder druk zetten.

Het ACV, dat gelinkt is aan de christen-democratie (CD&V), is bezig om die historische banden te breken, zeker in Vlaanderen. De strijdbaarheid van de LBC tijdens de staking van de non-profit is daar een teken van. De vraag naar een politiek alternatief voor de leden van het ACV zal zich steeds meer stellen.

LSP steunt het idee van een nieuwe arbeiderspartij, die met dezelfde inzet opkomt voor de belangen van de arbeiders als de burgerlijke partijen vandaag opkomen voor de belangen van het patronaat. Tegenover de bureaucratische controle van de traditionele partijen op de vakbonden is de LSP een verdediger van een zo groot mogelijke syndicale democratie. De macht moet in handen zijn van de basis. Mensen moeten het recht hebben om het strijdsyndicalisme te verdedigen in de vakbond. Wij verdedigen de syndicale onafhankelijkheid ten opzichte van de staat. Deze onafhankelijkheid mag er echter niet in bestaan om zogezegd a-politiek te worden. Om de belangen van de arbeiders te verdedigen, kunnen de vakbonden zich niet beperken tot de economische kwesties. Telkens botsen ze op de politiek en de nood om daar een eigen verlengstuk voor hun strijd te creëren.

Delen: Printen: