Nederland. Studentenverzet tegen onderwijshervormingen kabinet

Afgelopen woensdag is als vervolg op twee landelijke studentenacties, waaronder een herhaling van de Maagdenhuisbezetting uit 1969 op 28 februari 2005, en diverse lokale acties, door de studentenvakbonden een demonstratie georganiseerd tegen de plannen van het kabinet om het systeem van onderwijsfinanciering en medezeggenschap te herzien door het invoeren van leerrechten en de regeling van de medezeggenschap aan het bestuur van de universiteiten over te laten.

Bas de Ruiter, Offensief Den Bosch

Het voorgestelde systeem van leerrechten leidt ertoe dat men de student steeds meer als een consument van onderwijs zal gaan beschouwen, die wordt geacht zelfstandig het aanbod van de diverse hogescholen/universiteiten te gaan vergelijken en zelf de keuze voor de beste hogeschool of universiteit te maken. In plaats van ervoor te zorgen dat op elke instelling van hoger onderwijs wettelijke garanties voor kwaliteit worden gegeven, wordt onderwijs ook een marktproduct, waardoor de concurrentie onder universiteiten zal toenemen en universiteiten die minder goed presteren minder financiering zullen krijgen. Universiteiten die slecht presteren krijgen in plaats van meer geld om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren, juist minder geld, waardoor de kwaliteit verder zal afnemen.

Tegenwoordig is het al zo dat veel studenten een of meerdere bijbanen hebben om hun studie te kunnen betalen en zodoende al snel het risico lopen studievertraging op te lopen. Het volgen van twee of meer studies tegelijkertijd zorgt er ook al gauw voor dat studenten langer studeren dan de reguliere studietermijn van 4 jaar. Weliswaar bood het oorspronkelijke plan voor de leerrechten een financiering voor 5,5 jaar, maar hierbij moet men wel bedenken dat dit als een doorlopende periode wordt beschouwd. Als men tussentijds aan een andere studie begint – al dan niet na afronding van een studie – wordt de periode van financiering al ingeperkt. Na de gestelde periode zou men € 4500 per jaar moeten gaan betalen volgens het oorspronkelijke plan. Studeren wordt door dit kabinetsbeleid steeds meer een voorrecht van de rijke elite, in plaats van een basisrecht voor iedereen die de capaciteiten bezit om hoger onderwijs te volgen.

Ook studenten die zich naast hun studie inzetten voor de maatschappij en werken aan hun persoonlijke vorming door middel van verenigingswerk of andere vormen van vrijwilligerswerk zullen door deze maatregelen gedupeerd worden, helemaal op het moment dat er nog andere bijkomstige omstandigheden (zoals bijvoorbeeld ziekte) zijn.

De motivatie van studenten om zich te laten verkiezen als vertegenwoordiger in een medezeggenschapsorgaan zal als gevolg van de toenemende druk om sneller af te studeren, ook sterk afnemen. Hierdoor zal een ander onderdeel van de aanvallen van het kabinet, namelijk het beperken van de medezeggenschap door het afschaffen van de wettelijke waarborgen daarvoor, zeer ernstige gevolgen hebben voor de democratische invloed van studenten.

Tijdens de demonstratie, die startte vanaf de verzamellocatie voor het centraal station in Den Haag en eindigde op het plein voor de Tweede Kamer, en de manifestatie op het Plein waren ruim 1000 studenten aanwezig die hun stem wilde laten horen tegen de neoliberale bezuinigingsmaatregelen van dit kabinet, alsmede de beperkingen van de democratische invloed van studenten die de voorgestelde afschaffing van de wettelijke geregelde medezeggenschap teweeg zou brengen.

Vertegenwoordigers van de studentenvakbonden legde tijdens de manifestatie de eisen van de studenten op tafel: een langere financieringstermijn, meer geld voor kwaliteitsverhoging van het onderwijs en het behoud en verbetering van de medezeggenschap van studenten.

Het verzet heeft enkele vruchten afgeworpen: het parlement heeft afgedwongen dat een student 6 in plaats van 5,5 jaar financiering krijgt via het leerrechtenstelsel en na die periode van 6 jaar niet € 4500 maar € 3000 per jaar gaat betalen.

Hoewel dit weer eens aantoont dat strijd loont, is de werkelijke hervormingsagenda nog niet van tafel en zal de kwaliteit van het onderwijs op een bepaalde universiteit, als gevolg van een sterkere nadruk op financiering van universiteiten en hogescholen op basis van hun prestaties, dalen op het moment dat men de concurrentiestrijd niet meer aankan.

Voortzetting van de strijd tegen het neoliberale bezuinigingsbeleid, dat van onderwijs een koopwaar maakt, is daarom nodig. Studenten en werknemers van onderwijsinstellingen moeten zich lokaal organiseren in comités van afgevaardigden op universiteiten en hogescholen en eisen dat er meer geld wordt geïnvesteerd in het hoger onderwijs en dat de medezeggenschap van studenten behouden blijft en uitgebreid wordt.

De studenten van nu zijn de werknemers van de toekomst. Het bedrijfsleven verrijkt zich door van onze arbeid de vruchten te plukken, maar zij wil het liefst hiervoor zo min mogelijk kosten hoeven te maken in de vorm van belastingafdrachten. Solidariteit met de werknemers in het onderwijs en gezamenlijke strijd is de enige manier om de kwaliteit en toegankelijkheid van het onderwijs te verbeteren. Daarom riepen wij tijdens de demonstratie door middel van een petitie op tot een gezamenlijke actiedag van studenten en werknemers in het onderwijs. Tijdens de demonstratie hebben we ook pamfletten uitgedeeld met onze visie op de huidige kabinetsplannen en ons alternatief voor deze plannen.

Offensief strijdt voor kosteloos onderwijs: zowel het lager, middelbaar en hoger onderwijs dient kosteloos te zijn en te worden bekostigd uit de algemene middelen. Verder moeten studenten een minimuminkomen krijgen dat voldoende is voor de bekostiging van onderdak en levensonderhoud. Bovendien moeten de lonen van de werknemers – zowel onderwijzend als niet onderwijzend personeel – in de onderwijssector worden verhoogd.

In een kapitalistisch systeem dat draait om winst is het echter onmogelijk om dit soort duurzame verbeteringen te realiseren. Daarom vechten wij voor een socialistische maatschappij, niet alleen in Nederland, maar wereldwijd als onderdeel van een internationale organisatie, om een einde te maken aan neoliberaal beleid dat alleen de belangen van de rijke minderheid dient en om ervoor te zorgen dat de belangen van de meerderheid, de werkende klasse, worden gediend.

Delen: Printen: