Home / Belgische politiek / Nieuwe arbeiderspartij / Vakbonden moeten breken met gevestigde partijen en hun politiek

Vakbonden moeten breken met gevestigde partijen en hun politiek

De afgelopen weken voerde de N-VA een offensief tegen de christelijke arbeidersbeweging. De neoliberale partij deed dit niet omwille van een strijdbaar programma gekoppeld met acties tegen het casinokapitalisme dat ook door N-VA wordt verdedigd, maar net omwille van het feit dat de leiding van het ACW bijzonder ver is meegestapt in de neoliberale logica. Het was met andere doeleinden, maar de partij van De Wever heeft op een bijzonder zwak punt in de arbeidersbeweging gewezen: het omarmen van het neoliberalisme. Als we de aanval van rechts willen stoppen, zullen we iets aan dat zwakke punt moeten doen.

Artikel uit de aprileditie van ‘De Linkse Socialist’

Hypocrisie van N-VA

De aanval van de N-VA is natuurlijk hypocriet. De partij verwijt het ACW betrokkenheid bij financiële speculatie, belangenvermenging en fraude met winstbewijzen. Als werkgevers hun bijdrage aan de gemeenschap zoveel mogelijk beperken, is de N-VA de eerste om dat toe te juichen. Terwijl de Antwerpse diamantsector onder vuur ligt wegens belastingfraude, aarzelt de N-VA niet om de belangen van die sector politiek te verdedigen. Of is N-VA Kamerlid Jan Jambon geen voorzitter meer van de ‘Diamantclub’ die parlementsleden bijeenbrengt om de diamantbelangen te behartigen?

De 100 grootste diamantbedrijven in ons land waren vorig jaar goed voor een omzet van 35,6 miljard euro waarop ze officieel 55 miljoen euro winst maakten en slechts 9,6 miljoen euro belastingen betaalden. Tegen een diamantair loopt een onderzoek wegens een fraude van 3 miljard euro, de diamantair raakt er mogelijk van af met een minnelijke schikking van 150 miljoen euro. Dankzij de politieke vrienden, onder meer van N-VA, is zo’n schikking mogelijk. Hoe geloofwaardig is N-VA om op het ACW te chargeren?

Tenslotte is het opvallend dat de N-VA met haar aanvallen op ACW en Arco niet zegt hoe de 800.000 mensen met een Arco-aandeel, doorgaans kleine spaarders die wat zuur verdiende centjes in zo’n aandeel hadden gestoken, zouden beschermd worden. Dat is ondergeschikt voor het politieke steekspel waarmee N-VA het ACV wil raken. Zo weten we meteen wat de kleine man waard is voor de nieuw-Vlaamse liberalen.

Vakbondstop moet breken met patronale politici en praktijken

Iedere zwakheid langs de kant van de arbeidersbeweging wordt onverbiddelijk uitgespeeld. Dat hebben we al gemerkt toen bekend werd dat ABVV-voorzitter De Leeuw zelf gebruik maakte van notionele intrestaftrek. De nauwe banden tussen de ACW-leiding en de speculatieve casinobankiers van Dexia zijn problematisch. Om de belangen van de gewone werkenden en uitkeringstrekkers te verdedigen, moet volledig gebroken worden met dergelijke praktijken.

En er kan best meteen ook gebroken worden met de politici die jarenlang een ACW-etiket droegen maar mee vorm gaven aan het neoliberale project dat ons tot een diepe crisis heeft gebracht, denk maar aan Dehaene en zijn Globaal Plan. Na het vertrek van Steven Van Ackere is er geen minister meer met ACW-etiket. Langs SP.a-zijde maakten de ministers al eerder duidelijk dat ze geen uitstaans hebben met de ABVV-eisen. Voor de gevestigde partijen is de breuk met de vakbondseisen evident. Wanneer wordt dezelfde breuk ook voor de volledige vakbondsleiding evident? En vooral: wanneer worden daar conclusies uit getrokken?

Een vakbondspartij?

Professor Jan Blommaert lanceerde op zijn blog een opmerkelijke oproep voor een vakbondspartij (*). Hij stelt terecht vast dat de campagne van vakbondsbashing geen toeval is, maar een bewuste poging om de potentiële macht van de vakbonden in te perken. “De woede van de vakbonden, hun standpunten en analyses raken nog nauwelijks tot in het publieke forum. Vakbonden zijn effectief het zwijgen opgelegd. De vakbonden tellen nochtans zowat drie miljoen leden, werkenden en werklozen, en achter vele gesyndiceerden staat een gezin en een familie. Vakbonden zijn […] de enige echte massaorganisaties die ons land nog kent. De belangen die vakbonden verdedigen zijn de belangen van een bijzonder groot gedeelte van de bevolking. […] De politieke vertaling [ervan] is van wezenlijk belang.”

Blommaert heeft gelijk als hij stelt dat de vakbonden zelf een politiek initiatief moeten nemen om hun eisen centraal te plaatsen in het debat en ook bij de verkiezingen van 2014. “De vakbonden kunnen zelf een partij of kieslijst oprichten en meedoen met de Moeder Aller Verkiezingen. Bij afwezigheid van een verzekerde vertegenwoordiging van de belangen van hun leden in andere partijen – ik denk dat we daarvan mogen uitgaan – is dit een logische zaak. Een Partij van de Solidariteit, of van de Sociale Actie, zou best wel wat harten sneller doen kloppen, ook in het stemhokje. En daarbuiten, want die ingreep zou nogal wat teweeg brengen. Ze zou plots sociaaleconomische thema’s op de agenda plaatsen, en niet in de marge van de debatten maar in het centrum ervan. De verkiezingen zouden gaan over de grote zaken die alle mensen aanbelangen. Ze zou er ook voor zorgen dat er een duidelijk en rechtlijnig discours ontstaat over de belangen van die drie miljoen werkenden en werklozen, wiens belangen tot nu toe makkelijk op te offeren bleken.”

Niets doen is geen optie. Zo stelt Blommaert: “Het brutale feit is dat niemand anders de belangen van de vakbonden zal verdedigen dan de vakbonden zelf. Het kan dus enkel slechter worden als de zaken op hun beloop worden gelaten. Vakbonden zullen, mede dankzij de Merkels, Ruttes en Camerons van Europa, steeds verder de hoek worden ingedreven waar de klappen vallen. Tot ze erbij gaan liggen.” Hij benadrukt dan ook de dringendheid, “Als vakbonden hun historische rol ernstig nemen, en hun beginselen eveneens, dan moeten ze deze stap nu zetten. Ze kunnen de machtsvraag in een crisis met een diepgang en impact zoals deze niet uit de weg blijven gaan. Ze hebben ruim een jaar om te bouwen, te organiseren en te mobiliseren.”

LSP ondersteunt uiteraard deze oproep voor een syndicale partij. We benadrukken daarbij het belang van interne democratie in zo’n partij: het mag geen project van de vakbondstop worden waarbij de basis weinig tot niets te zeggen krijgt. Vertegenwoordigers moeten volgens ons ten allen tijde kunnen teruggefloten worden door hun achterban. Dat staat in schril contrast met wat we gewoon zijn van de zogenaamde ACW-politici, maar ook van de vakbondstop, bijvoorbeeld in de Groep van 10. Met de nodige druk van onderuit zal die interne democratie (zowel binnen de vakbonden zelf als binnen haar nog-op-te-richten partij) moeten worden afgedwongen.


(*) Het volledig stuk is te lezen op de blog van Jan Blommaert: http://jmeblommaert.wordpress.com/2013/03/19

Leave a Reply