Looneisen: de patroons hebben erom gevraagd

Het Interprofessioneel Akkoord (IPA) blijft voor moeilijkheden zorgen. De stakingen in de voeding en de non-profit zijn nauwelijks of nog niet afgelopen of er loopt al een stakingsaanzegging binnen voor papier en karton op 21 april. Eén dag later staakt de volledige metaal, voor het eerst sinds 1959. Arbeiders en vakbonden uit talloze sectoren eisen betere werkomstandigheden en het behoud van de pensioenrechten, maar opvallend is ook de plaats die looneisen innemen.

Eric Byl

De patroons hebben erom gevraagd. Wilfried Steentjes, specialist in ‘Wereldwijd beleggen’, schrijft: “De Europese beleggers worden de laatste dagen overspoeld met hogere winsten. Het is niet een specifieke sector maar praktisch alle bedrijven.” Steentjes gaat op zoek naar oorzaken. “De forse winststijgingen komen door de stringente kostenbeheersing. Het geld hoopt zich op bij de bedrijven. We zien dat terug in de sterkere balansen en de verhogingen van de dividenden. Ook lenen bedrijven steeds minder wat we terugzien in de hoge koersen van bedrijfsobligaties”. Steentjes verwijst, in andere bewoordingen, tenslotte naar het feit dat bedrijven hun winsten verdoezelen voor de fiscus en voor de arbeiders, door hun afschrijvingen versneld te boeken. “In 2002 liepen de afschrijvingen zelfs op naar 140%. Zulke grote afboekingen van gedane investeringen zijn er niet vaak geweest. Het is dus logisch dat er in de jaren daarna een forse winst-acceleratie komt. De winsten zijn nu, gemeten als percentage van het Bruto Nationaal Product in 75 jaar nog nooit zo hoog geweest.”

Duizelingwekkende winstcijfers zijn goed nieuws voor het management en de aandeelhouders. Zo keert Belgacom 720 miljoen euro of 75% van de totale winst uit aan haar aandeelhouders. In het Westvlaamse Picanol ging bedrijfsleider Jan Coene met 20 miljoen euro lopen op 3 jaar tijd, terwijl de totale winst na belastingen op die 3 jaar 46,5 miljoen euro bedroeg. In veel gevallen plunderen het management en de aandeelhouders de rijkdom die de arbeiders produceren. Het meest recente voorbeeld is het met sluiting bedreigde Rover. Vier “bestuurders” gingen er met 58 miljoen euro aan de haal. Intussen vertoont het pensioenfonds van de arbeiders een onverklaarbaar tekort van 600 miljoen euro.

De arbeiders eisen hun deel van de koek. Dat moet echter met de handen op de rug gebonden, omdat nationaal een Interprofessioneel Akkoord werd afgesloten dat slechts een indicatieve loonnorm van 4,5% op 2 jaar voorziet. Na aftrek van de indexaanpassing, een compensatie voor de waardedaling van ons loon als gevolg van de inflatie, blijft daar 1,2 % van over. Voor de bedienden moet daar nog eens 1% baremieke verhogingen af. Bovendien neemt het aantal lager geschoolde jobs sneller af dan beter betaalde hooggeschoolde banen, daardoor stijgt het gemiddelde loon met ongeveer 1% op 2 jaar. Alles samen zitten we al boven de indicatieve norm. De productiviteitsgroei, jaarlijks zo’n 1 tot 1,5%, steken de patroons in hun zakken. Kortom: we leveren de komende 2 jaar minimum 2 à 3% loon in per éénheid productie.

In de petroleum, chemie, non-ferro, voeding en hout werden akkoorden afgesloten. In de chemie kan, bedrijfscao’s incluis, de loonnorm licht overschreden worden. Dat is een kleinigheid. De bedrijfswinst van BASF-Antwerpen bedroeg in 2002 maar liefst 284 miljoen euro of een kleine 80.000 euro per arbeider. In de sec-tor is dat geen uitzondering. In de non-ferro bleef men steken op 4,3% met een bijkomende bedrijfstoeslag. In de hout- en meubelsector raakte men niet verder dan 4%.

Bij papier en karton willen de patroons meer flexibiliteit en een loonmarge van nauwelijks 3,7%. Het paritair comité vergadert op 19 april, twee dagen voor de vervaldatum van de stakingsaanzegging. In de 15 grootste bedrijven, goed voor 5000 arbeiders, wordt de staking voorbereid. Ondertussen wil Febeltex, de textielpatroons, de loonstijging beperken tot de indexaanpassing. Ze weigert haar bijdrage aan het sociaal textielfonds met de gevraagde 1% op te trekken. Er is nog geen stakingsaanzegging voor de 35.000 textielarbeiders, maar de bonden hebben het patronaat verwittigd.

Vooral in de metaalsector gaan we naar een confrontatie. Agoria biedt slechts 4% en een resultaatsgebonden premie van 0,5%. Bovendien denkt ze aan provinciale cao’s om de sector te verdelen. Op maandag 18 april organiseert de CMB stakingen en werkonderbrekingen in 150 bedrijven, dinsdag wil de CMB druk zetten op de onderhandelingen met een manifestatie voor de Agoria-gebouwen en vrijdag 22 april staakt de hele sector in gemeenschappelijk vakbondsfront!

Daarmee is het nog niet afgelopen. In de distributiesector verlopen de gesprekken “moeizaam” en in de banken, verzekeringen en het aanvullend nationaal paritair comité voor de bedienden (ANPCB) dreigt men naar een staking te gaan. In de non-profit tenslotte heeft LBC-topman Cornelis de Vlaamse regering gewaarschuwd. Indien er op 6 mei geen akkoord is, gaat de Vlaamse sector vanaf 9 mei in staking voor onbepaalde duur! Aangezien de federale regering haar belofte aan de federale gezondheidssectoren weigert na te komen, zou dit wel eens tot een staking van alle non-profit sectoren kunnen leiden.

De agressie van het patronaat en haar politieke lakeien stoot op verzet van de arbeiders. Enkel de weigering van de vakbondsleiders om alle sectoren samen te mobiliseren houdt de regering en haar rechts beleid overeind. De greep van de vakbondsleiders op de basis is echter niet absoluut. Help ons vechten voor strijdbare vakbonden, waar de basis haar instructies geeft aan de leiding in plaats van andersom, en die volledig onafhankelijk zijn van het patronaat en haar politieke vertegenwoordigers, ook die van SP.a, PS en CD&V..

Delen: Printen: