Onderwijsbetoging op 20 april. Stop de besparingen!

MANIFESTATIE 20 april om 15u aan het ministerie van onderwijs in Brussel. (Koning Albert 2-laan 15, dichtbij het Noordstation)

Stop de besparingen in het onderwijs! Optrekken van de onderwijsuitgaven tot 7 procent van het BBP nu !

Een nationale vakbondsecretaris verklaarde in de pers hoe pijnlijk het is om vast te stellen dat besparingen in het onderwijs telkens door SPA ministers doorgevoerd worden. Nadat de vakbonden eerst aarzelden en nauwelijks protesteerden tegen de door Vandenbroucke aangekondigde besparingen, wordt eindelijk actie georganiseerd tegen de voor het onderwijs nefaste politiek.

Pamflet van LSP en ALS

Voor een pdf-versie van dit pamflet, klik hier

Het leerplichtonderwijs

Vandenbroucke besliste in het najaar van 2004 om op personeelskosten te besparen door het niet meetellen van 7000 leerlingen uit het secundair onderwijs voor de omkadering; de herberekening van de lesuren voor het volwassenenonderwijs en een inperking van de vervangingspool. Daardoor werden meer dan duizend ambten niet ingevuld.

Er wordt bespaard op de werkingsmiddelen van de CLB’s en bij het ondersteunend personeel wordt 5% van de jobs geschrapt.

Hoger onderwijs

Sinds de invoering van de enveloppefinanciering in het hoger onderwijs (1991 voor de universiteiten, 1994 voor de hogescholen) kreunen ook de instellingen voor hoger onderwijs door de onderfinanciering. Bij de hogescholen leidde dit tot een verlies van meer dan 400 banen. Aan de universiteiten steeg de tewerkstelling globaal met meer dan 3000 eenheden maar dit komt volledig op het conto van de onderzoeksmiddelen. De financiering van het onderwijs aan de universiteiten vermindert net zoals bij de hogescholen jaar na jaar waardoor het aandeel van onderwijzend personeel aan de universiteiten daalde van 34% in 1992 tot 26,3% in 2003 terwijl het aantal studenten in dezelfde periode met 4,5% gestegen is.

Tussen 1992 en 2003 steeg de tewerkstelling in het Vlaams onderwijs met meer dan 14000 eenheden. Positief zou u denken ware het niet dat het aantal vastbenoemde personeelsleden constant daalt en de stijgende tewerkstelling volledig op rekening komt van tijdelijke personeelsleden die minder zicht krijgen op een vaste job en makkelijk weggesaneerd kunnen worden. De onderwijsuitgaven zijn wel gestegen met gemiddeld 2% op jaarbasis in constante prijzen wat de Vlaamse regeringen steeds in de verf zetten. Maar de maatschappelijke rijkdom is ook gestegen en de economische groei lag gemiddeld hoger dan de stijging van de onderwijsuitgaven. De stijging van de onderwijsuitgaven is lager dan de algemene welvaartstijging en bedraagt circa 5,3% van het Bruto Binnenlands Product. In Frankrijk, Denemarken en Zweden is dit meer dan 6%. De Vlaamse uitgaven liggen zelfs 0,2% lager dan het OESO-gemiddelde.

CAO’S

Zowel CAO VII voor het leerplichtonderwijs als CAO I voor het hoger onderwijs zitten vol voor interpretatie vatbare beloften. Op het vlak van het optrekken van het vakantiegeld wordt nu aanvaard dat dit gefaseerd dient te gebeuren zonder verdere specificaties. Er wordt gesproken over een financiële injectie voor de hogescholen maar over het bedrag blijft men vaag. Enkel het gewoon basisonderwijs krijgt een concrete verhoging van het budget ter waarde van 8 miljoen euro. Het argument van de overheid dat er geen geld is, werd door de vakbondsleidingen overgenomen op de militantenvergaderingen om de bijna inhoudsloze Cao’s door de basis te laten aanvaarden. Op diverse vergaderingen van de ACOD werd herinnerd aan de eis goedgekeurd door het congres in mei 2004 om te eisen dat de onderwijsuitgaven opgetrokken moeten worden tot 7% van het BBP. Dit werd telkens verworpen met het argument dat het beter is om voor weinig te kiezen nu er geen geld is in plaats van te eindigen met niets. Ondertussen heeft de non-profit actie gevoerd en getoond dat ze van de federale regering – die beweerde dat er geen geld is – 471 miljoen euro kon afdwingen. Op Vlaams niveau wordt verder actie gevoerd voor gelijke eisen voor het personeel dat tewerkgesteld met middelen van de Vlaamse overheid. De non-profit toont wat mogelijk is wanneer de vakbonden vastberaden zijn en strijd voeren.

Conclusie

Ondanks de extra’s merken we dat uitgaven in het onderwijs de groei van de maatschappelijke rijkdom niet volgen terwijl de taken die door de maatschappij aan de onderwijssector opgelegd worden alsmaar stijgen. Een studie van het HIVA toonde aan dat het onderwijzend personeel zijn job graag doet maar dat hij zijn job als zwaar en belastend ervaart. Leerkrachten staan veelal alleen en een goede omkadering zowel op niveau van de hele scholengemeenschap als ondersteuning door gespecialiseerd personeel (kinderverzorgsters, ICT-coördinatoren, e.d.m.) zijn geen overbodige luxe maar een must. Het algemeen schoolklimaat is eveneens belangrijk voor een goede onderwijsomgeving en wordt niet bevorderd in aftandse en slecht uitgeruste gebouwen die niet voldoende onderhouden worden. Besparingen op het ondersteunend personeel hebben enkel tot gevolg dat de stress voor het onderwijzend personeel nog meer toeneemt.

Actieplan is nodig!

Alle betrokkenen – personeel, scholieren en studenten – voelen meer en meer de gevolgen van de ontoereikende onderwijsmiddelen aan. De overheid is kampioen in het tegen elkaar uitspelen van de diverse onderwijssectoren. Gemeenschaps- versus Vrij Onderwijs; hogescholen tegen universiteiten; door deze verdeel- en heerspolitiek slaagt men er sinds 25 jaar in om besparingen door te voeren. Wanneer we eisen dat de onderwijsmiddelen opgetrokken worden tot 7% van het BBP betekent dit niet meer dat het herstellen van de uitgaven op het niveau van 1980. Het optrekken van de middelen tot 7% is de enige manier om het verlies aan jobs in de hogescholen om te buigen; de universiteiten de nodige middelen te geven om hun onderwijsopdrachten naar behoren uit te voeren; de sociale sector voor het hoger onderwijs uit te bouwen i.p.v. te saneren; de tijdelijken statutair aan te stellen; de nodige extra ondersteuning en omkadering te voorzien in het leerplichtonderwijs en de gerechtvaardigde looneisen (o.a. vakantiegeld) in te willigen.

De LSP militanten in het onderwijs en de Aktief Linkse Studenten roepen de onderwijsvakbonden op om dringend werk te maken van het verenigen van alle betrokkenen om een actieplan op te stellen met als centrale eis : optrekken van de onderwijsmiddelen tot 7% van het BBP nu! Bij het opstellen van deze actieplannen moeten alle perso-neelsleden betrokken worden. Dit kan door over de vakbondsgrenzen heen actievergaderingen te organiseren in de scholen. Wij stellen voor om te starten met een actiedag per provincie ter voorbereiding van een algemene 24-urenstaking.

Delen: Printen: