Geweld op school. Een uitdrukking van crisis in de maatschappij

De media vestigen regelmatig de aandacht op het zogenaamde “geweld op school”. Dit rechtvaardigt dan een politiek van uitsluiting en verwijdering van leerlingen. Zo’n antwoord biedt echter geen reële oplossingen aan leerkrachten en leerlingen.

Cécile Mangin

Waarover gaat het geweld op school?

Grondige studies tonen aan dat ernstige geweldpleging, zoals fysiek geweld op leerkrachten, zich uiterst zelden voordoet. Los van de sociale samenstelling van een school is: onderwijzend personeel dat in teamverband met een duidelijk opvoedingspatroon kan werken, voelt zich alleszins minder het slachtoffer van deze geweldpleging. De malaise is nochtans aanwezig bij zowel de leerkrachten als de leerlingen en een efficiënt voorstel van oplossing blijft uit.

Bij de Franse Gemeenschap ontvangen “moeilijke scholen” een bijkomende financiering. Dit in het kader van een maatregel gebaseerd op positieve discriminatie.

Van zodra de toestand verbetert, valt deze financiering echter weg en daarmee ook de opgezette projecten ter bestrijding van geweld. Concreet betekent dit ook het verlies van een of meerdere arbeidsplaatsen, bijvoorbeeld door het ontslaan van een begeleider.

Er is dus geen enkel duurzaam, structureel antwoord dat de scholen kan garanderen om goed te kunnen functioneren. De klassen blijven overvol en het onderwijzend personeel staat er alleen voor. Zij hebben niet de mogelijkheid om gedurende de werkuren in teamverband te werken om zo hun houding tegenover mogelijke problemen gezamenlijk te bepalen.

Tegen elke logica in gaat men door met de onderfinanciering van het onderwijs, met het afschaffen van functies en dus met het verergeren van de situatie voor leerkrachten en leerlingen.

Zo komt men soms tot extreme situaties, zoals in het Atheneum Madeleine Jacqmotte in Brussel. Tegen de zware geweldpleging op leerkrachten daar was de voorgestelde reactie absurd: een honderdtal meerderjarige leerlingen werd wegens absenteïsme uitgesloten en dit op volstrekt onwettige wijze. Deze leerlingen zegden dat ze bijvoorbeeld ’s morgens werden “ontslagen” (tenminste één woord dat ze nu al kennen) wegens afwezigheid van de leerkrachten, en dat ze daarom ’s namiddags niet teruggekomen waren. De schooldirectie stuurt ze nu naar de Brusselse Dienst voor Arbeidsbemiddeling of naar cursussen in het kader van sociale promotie.

Is het onderwijs echt een instrument tot de ontwikkeling, vrij van vooroordelen, van leerlingen? Volstrekt niet! Het is een machine om nuttige wegwerparbeiders, aangepast aan de noden van de markt, te produceren. Is de school een plaats waar men zich persoonlijk kan ontplooien? Meestal niet. Het onderwijzend personeel wordt op de werkplaats geconfronteerd met alle tegenstellingen van de kapitalistische maatschappij. Dat is het echte geweld op school!

Delen: Printen: